Voormalig Anderlecht-spits Attila Ladinsky is donderdag in Boedapest op 70-jarige leeftijd overleden. De Hongaar werd eind april in het ziekenhuis opgenomen met hartproblemen, maar mocht vorige week de intensieve zorgen verlaten. Ladinsky, die in België voor Anderlecht en KV Kortrijk speelde, werd in het seizoen 1973/74 topschutter van de Belgische Eerste klasse met 22 doelpunten.

Ladinsky, geboren in Boedapest in 1949, begon zijn carrière bij het Hongaarse Tatabánya, een mijnwerkersclub. Hij werd er als linksvoor uitgespeeld, net als bij zijn volgende club Vasas SC Boedapest. Het was Ernst Happel die hem bij Feyenoord voor het eerst als centrumspits liet spelen. Om bij Feyenoord te geraken had Ladinsky hemel en aarde moeten bewegen: na een vriendschappelijke interland met de Hongaarse beloften in Luik liep de aanvaller, die het communistische systeem in zijn thuisland meer dan beu was, weg uit het hotel en vroeg hij in België politiek asiel aan. Na zes maanden bij het Duitse Rot-Weiß Essen, waar hij geen officiële wedstrijden kon spelen, streek hij in 1971 neer in Rotterdam.

Het was echter pas bij Anderlecht dat de snelle, krachtige aanvaller helemaal doorbrak. De Brusselaars haalden de 23-jarige Ladinsky in 1973 weg bij Feyenoord en zag dat meteen beloond: in zijn debuutwedstrijd, de bekerfinale van 1973, scoorde Le Gitan meteen de twee paars-witte doelpunten in de 2-1-zege tegen Standard. “Un, deux trois, Attila est là!”, klonk het meteen uit de tribunes van Anderlecht. In zijn eerste seizoen in België werd Ladinsky ook meteen nationaal topschutter. De Hongaar liet zich toen echter ook al negatief opmerken door een drankprobleem en zijn liefde voor het nachtleven, waardoor de relatie met trainer Urbain Braems verslechterde. Als gevolg van die vertroebelde relatie scoorde Ladinsky in het seizoen 1974/75 slechts vijf competitiegoals.

Van 1975 tot 1978 droeg Ladinsky het shirt van Betis Sevilla. In drie seizoenen scoorde hij er slechts zeventien competitiegoals, maar Ladinsky maakte zich razend populair in het Estadio Benito Villamarín. Zo scoorde hij ooit een hattrick tegen stadsgenoot Sevilla FC, waardoor Betis de stadsderby met 3-1 won. Dankzij zijn doelpunt ging Betis in 1977 ook voor het eerst in decennia winnen in het Santiago Bernabéustadion. Met Ladinsky op de loonlijst won Betis dat jaar ook de Copa del Rey, maar doordat hij een buitenlander was mocht hij toen niet aantreden.

Toen Betis in 1978 degradeerde naar de Segunda División, keerde Ladinsky terug naar België. Zijn volgende club werd KV Kortrijk, waar zijn ex-Anderlecht-ploegmaat Georges Heylens toen trainer was. Hij scoorde er slechts twee competitiegoals en verliet de club na een jaar al voor US Valenciennes. Bij zijn volgende club, Toulouse FC, kwam hij met Gilbert Van Binst opnieuw een ex-ploegmaat tegen – ditmaal weliswaar als ploegmaat. Ladinsky rondde zijn carrière af bij de Portugese lageredivisionist Amarente FC en opende daarna een bar in Sevilla. Nadien baatte hij ook een restaurant uit op het Brusselse Flageyplein.