Wat een week is het geweest voor Jordan Torunarigha. Op maandag 16 oktober 2023 maakte de 26-jarige verdediger zijn interlanddebuut voor Nigeria in een vriendschappelijke interland tegen Mozambique, op zondag 22 oktober 2023 leek hij in de 2-0-nederlaag van AA Gent tegen Cercle Brugge in de slotfase rood te krijgen, tot de scheidsrechter uiteindelijk slechts geel gaf. Thorunarigha is lang niet de eerste voetballer die zijn interlanddebuut maakt als speler van AA Gent: alleen al dit jaar debuteerde Hong Hyun-seok als Buffalo voor Zuid-Korea. DFVF viste vijf verhalen op van spelers die hun interlanddebuut maakten terwijl ze op de loonlijst stonden bij KAA Gent.
Ole Martin Årst (Noorwegen, 2000): een IJsland-Noorwegen in het zonnetje was niet de voorbode van een zonnige interlandcarrière
Op 12 januari 2000 schreef Ole Martin Årst mee aan een primeur: hij was een van de elf buitenlanders die Trond Sollied opstelde tegen Verbroedering Geel. Elf buitenlanders in de basiself, dat was nog nooit gebeurd in de Belgische hoogste divisie. Martin De Backer van supportersclub De West-Buffalo’s liet in Het Nieuwsblad zijn ongenoegen merken. “Of er supporters zullen afhaken? Dat risico bestaat zeker. Clubliefde bestaat bijna niet meer. Wij, de oudere supporters zullen wel blijven gaan, maar de jongeren haken af. De clubs en de spelers denken niet veel meer aan de supporters.”
Ach, als ze maar scoren, meneer. De thuiswedstrijd tegen Geel moet een van de weinige wedstrijden uit het seizoen 1999/00 zijn waarin Årst de netten niét deed trillen. De Noorse spits sloot het seizoen af met dertig competitiedoelpunten en eindigde zo samen met Toni Brogno als topschutter. Niet moeilijk dat Aston Villa in januari 2000 een bod uitbracht op de ex-Anderlecht-spits, die bij de jaarwisseling al achttien van zijn dertig goals had gescoord. En niet moeilijk dat bondscoach Nils Johan Semb hem in diezelfde maand voor het eerst opriep voor de nationale ploeg van Noorwegen. Bij Gent was hij in die periode toch technisch werkloos, want door een dubbele gele kaart tegen Sporting Charleroi op 29 januari zou hij de match tegen Excelsior Moeskroen sowieso missen. “Ik had veel liever met Gent gespeeld, maar dat zal dus niet gaan. Erg jammer, want dat tornooi met IJsland, Denemarken en Zweden is niet meteen bepalend voor de Noorse selectie voor Euro 2000”, treurde Årst.
Wie zich het decor van IJsland-Noorwegen, de debuutinterland van Årst, probeert voor te stellen, zullen we een beetje op weg moeten helpen. Deze interland werd immers gespeeld in het kader van het Noords Kampioenschap, een vriendschappelijke competitie die bij de milenniumwisseling werd afgestoft en voor de gelegenheid in… het Spaanse La Manga werd afgetrapt. Zowel in de eerste groepswedstrijd tegen IJsland (0-0-gelijkspel) als in de derde groepswedstrijd tegen Zweden (1-1-gelijkspel) vier dagen later werd Årst in de 80e minuut vervangen. In Noorwegen kwamen ze niet uit de lucht vallen: het Noorse publiek kende Årst natuurlijk nog van bij Tromsø IL, waarmee hij in 1996 de Beker van Noorwegen won. Toen Het Laatste Nieuws in maart 2000 een reportage aan hem wijdde, verklaarde journalist Tor Kise Karlsen van het dagblad Dagsavisen dat de prestaties van Årst in België goed onthaald hebben in zijn thuisland, maar dat een selectie voor Euro 2000 heel moeilijk zou worden voor de toen 25-jarige aanvaller.
Karlsen kreeg gelijk: eind april 2000 kreeg Årst geen selectie voor de oefeninterland tussen België en Noorwegen, een maand later maakte hij evenmin deel uit van het lijstje van 22 spelers voor het EK in België en Nederland. Als je tegen vedetten als Solksjaer, Iversen, Flo en Carew moet opboksen kun je het wel schudden. Bovendien beschouwt de bondscoach Semb mij eerder als een foerier op de rechterflank terwijl ik bij AA Gent als centrumspits mijn echte waarde etaleer”, legde Årst uit na zijn niet-selectie voor België-Nederland. “Wat moet ik nog meer doen opdat men mij een plaatsje in de ruime selectie voor Euro 2000 zou gunnen? Hopelijk krijg ik nog een kans maar ik vrees er voor.” Bondscoach Semb antwoordde met een interessante tegenvraag: “Waarom zit Toni Brogno niet in de Belgische kern?”
De nostalgici herinneren zich vast dat Noorwegen in de groepsfase sneuvelde door een 0-1-nederlaag tegen Joegoslavië in… Luik, de stad waar Årst in juni 2000 zijn handtekening zette bij Standard. Daar scoorde hij ook zijn goals, maar toch moest de Noor wachten op een nieuwe bondscoach voor zijn derde A-cap. Die kwam er op 18 augustus 2004: in de oefenwedstrijd tegen… België mocht Årst, inmiddels weer aan de slag bij Tromsø, mocht hij op het uur invallen. Zijn doelpuntenrekening voor Noorwegen opende hij in de 1-2-nederlaag tegen Schotland op 7 september 2005. Dat jaar werd hij in het shirt van Tromsø topschutter van de Tippeligaen, de Noorse hoogste divisie. Jammer dat er dat jaar geen EK was… Årst zwaaide de nationale ploeg in 2007 na 22 interlands, waarin hij slechts tweemaal scoorde.
Bojan Jorgačević (Servië, 2010): wanneer een na nog geen tien minuten stopgezette interland niet de grootste smet is
“Toen hij in Gent aankwam, was hij een ruwe diamant. Stilaan is hij fijngeslepen”, oordeelde Jan Van Steenberghe, toenmalig keeperstrainer van Gent, in januari 2010 over Bojan Jorgačević. De Buffalo’s hadden de Serviër in 2007, het jaar waarin clubicoon Frédéric Herpoel vertrok, weggeplukt bij Rode Ster Belgrado. Jorgačević won na het vertrek van Herpoel al snel de concurrentiestrijd met de Fransman Alexandre Martinovic. In zijn eerste seizoen bereikte hij met Gent zijn eerste bekerfinale, twee jaar later mocht hij de prijs ook effectief bijschrijven op zijn palmares na een 3-0-zege tegen Cercle Brugge in de finale.
Begin november 2010 klonk het dat Jorgačević dicht bij de nationale ploeg van Servië stond, mede doordat bondscoach Vladimir Petrović had aangekondigd dat hij Vladimir Stojković niet zou oproepen. Diens transfer naar Partizan Belgrado in de zomer van 2010 – gevoelige materie, gezien zijn verleden bij Rode Ster Belgrado – had ertoe geleid dat de EK-kwalificatiewedstrijd tussen Italië en Servië na nog geen tien minuten werd stopgezet door rellen tussen Servische hooligans en Italiaanse ordediensten. Even later werden de geruchten bevestigd: Jorgačević was opgeroepen voor de oefenwedstrijd tegen Bulgarije op 17 november 2010. Opmerkelijk: de doelman had op dat moment recent een procedure opgestart om de Belgische nationaliteit te verkrijgen. We spreken twaalf maanden voor het interlanddebuut van Thibaut Courtois.
Met een sterke wedstrijd tegen Anderlecht in de benen reisde de toen 28-jarige Jorgačević af naar Sofia, waar hij naast een eerste selectie ook meteen een eerste A-cap versierde. Én een eerste clean sheet, want Servië won de oefeninterland tegen Bulgarije met 0-1. De Servische pers riep hem na de wedstrijd uit tot man van de match. Spelen met Branislav Ivanović (Chelsea), Nemanja Vidić (Manchester United), Neven Subotić (Borussia Dortmund) en Aleksandar Kolarov (Manchester City) voor zich: het is eens iets anders dan Marko Šuler, Erlend Hanstveit, Kenny Thompson, Mario Barić. En toch kwam er een smet op het droomdebuut van Jorgačević: toen hij weer in Belgrado landde, liet zijn echtgenote hem via de telefoon weten dat hun appartement volledig leeggeroofd was. De doelman was onder andere de camerabeelden van de geboorte van zijn dochter kwijt.
Jorgačević speelde nog zes interlands voor Servië, allemaal in 2011. Zijn laatste interland speelde hij op 11 oktober 2011, een kleine maand voor hij zijn veelbesproken overstap van KAA Gent naar Club Brugge maakte. Daar is gelukkig nooit een interland voor verstoord…
Moses Simon (2015, Nigeria): in een paar maanden van Oliva naar Bolivia… tenzij terreur er een stokje voor steekt
Iemand nog enig idee welke speler samen met Moses Simon in januari 2015 de overstap maakte van AS Trenčín naar KAA Gent? Het juiste antwoord: Haris Hajradinović. Het is u vergeven als u ons het antwoord schuldig moest blijven, want een grote indruk liet de Bosniër niet achter in België. Moses Simon deed dat des te meer.
Het begon al bij zijn officieuze debuut voor Gent: Simon stond op winterstage in het Spaanse Oliva meteen aan het kanon tegen Groningen, waar ex-Buffalo Sergio Padt in doel stond. Een doelpunt in een oefenduel is niet altijd per se een garantie op succes, want een doelpunt tegen De Graafschap in het shirt van Ajax leverde hem in de zomer van 2013 géén contract op. In zijn tweede officiële wedstrijd voor Gent zorgde de Nigeriaan voor naamsbekendheid door na nog geen minuut – 38 seconden volgens de media – rood te pakken in de bekerwedstrijd tegen Lokeren na een te stevig duel met Koen Persoons. Simon kreeg geen extra straf, waardoor hij vier dagen later al de geblesseerde Benito Raman kon vervangen in de competitiewedstrijd tegen KV Oostende. Op 1 februari 2015 ontbond de Nigeriaan zijn duivels in de Jupiler Pro League door een hattrick te scoren tegen… Lokeren. Een beter filmscenario is moeilijk denkbaar.
Zes dagen na die 3-3 tegen Lokeren – jawel, de hattrick van Simon leverde Gent slechts een punt op – schitterde de Nigeriaan opnieuw: in de 4-0-zege tegen Westerlo was hij goed voor een goal en twee assists. De 0-0 tegen Sporting Charleroi slaan we over – Simon was op Mambourg toch onzichtbaar, als we de verslagen van toen mogen geloven – , zodat we meteen bij de 2-1-zege tegen Club Brugge en 0-1-zege tegen Waasland-Beveren aanbelanden. In beide wedstrijden opende Simon de score. Na afloop van de reguliere competitie sprak Michel Louwagie het bekende ’20 miljoen’-zinnetje uit.
Midden maart 2015 werd de negentienjarige Simon voor het eerst opgeroepen voor de nationale ploeg van Nigeria, dat op het einde van de maand een vriendschappelijk tweeluik zou spelen tegen Bolivia en Zuid-Afrika. Het Zuid-Amerikaanse land trok zich echter terug vanwege het geweld van de Nigeriaanse terreurbeweging Boko Haram. In plaats daarvan traden de Super Eagles aan tegen Oeganda. Simon viel op het uur in en stond dus op het veld toen Farouk Miya, de latere speler van Standard Luik en Excel Moeskroen, in de 81e minuut het enige doelpunt van de wedstrijd scoorde.
Danijel Milićević (2016, Bosnië en Herzegovina): genegeerd door zijn eerste coach, opgevist als dertiger
Toen Gent tijdens de winterstop van het seizoen 2013/14 de geldbuidel opentrok om Danijel Milićević los te weken bij Sporting Charleroi, werd dat niet bij alle Gent-supporters op applaus onthaald. Wisten zij veel dat de Bosnische Zwitser anderhalf jaar later in het shirt van hun favoriete club de kampioensbeker in de lucht zou steken. Dat het allereerste doelpunt van hun geliefde Gantoise in de Champions League van zijn voet zou komen. Dat hij tot een van de eerste vrijschopspecialisten in de nagelnieuwe Ghelamco Arena zou uitgroeien. Wat is voetbal toch mooi, meneer: soms leiden hoge verwachtingen bij aanwinsten tot grote teleurstellingen, maar omgekeerd kun je je schouders ophalen bij het horen van de naam van een versterking en dan twee weken later zingen dat hij gerust eens bij jouw vriendin mag passeren.
Milićević bleef tijdens zijn piekperiode bij Gent daarentegen maar wachten tot er een uitnodiging voor een interland passeerde. De middenvelder was inzetbaar voor drie nationale ploegen, maar de voormalige Zwitserse jeugdinternational werd in zijn late twintigerjaren links gelaten door de bondscoaches van Zwitserland, Servië en Bosnië en Herzegovina. Milićević kon in principe voor alle drie die landen kiezen, want zijn ouders waren Serviërs met Bosnische roots. In 1977 verhuisden ze naar het Italiaanssprekende deel van Zwitserland.
Nu ja, helemáál links gelaten werd Milićević niet. Vladimir Petković, de toenmalige bondscoach van Zwitserland, feliciteerde Milićević via sms na diens glansprestatie tegen Lyon in de Champions League. Beide heren kenden elkaar trouwens maar al te goed, want het was Petković die Milićević in 2004 zijn profdebuut liet maken bij Lugano. De Champions League zorgde er trouwens voor dat Milićević herondekt werd in Zwitserland, waar hij in 2008 zijn laatste competitiewedstrijd speelde: het dagblad Blick noemde hem ‘de vergeten Zwitser’. In een ander artikel las Milićević dan weer dat Petković hem te oud vond voor de nationale ploeg. Nonsens, vond Branko, een boezemvriend van Milićević die aan het woord werd gelaten toen Sport/Voetbalmagazine in Zwitserland ging graven naar de roots van Mili. “België staat nummer een op de wereldranglijst en roept met Matz Sels, Sven Kums en Laurent Depoitre drie spelers van AA Gent op. Kan Zwitserland het zich dan permitteren om Danijel thuis te laten?”.
Wat vond Milićević er eigenlijk zélf van? Die maakte er geen groot spel van, maar droomde stiekem wel van een nationale selectie. “Het zou de kers op de taart zijn van mijn carrière. Ik heb ook de Servische en Bosnische nationaliteit, maar ik woonde van kleinsaf in Zwitserland, ik ben echt een Zwitser”, vertrouwde hij Het Nieuwsblad toe in september 2015. Geen betere manier om een selectie af te dwingen dan te blíjven schitteren in de Champions League, dacht Milićević, waarop hij ook in Lyon scoorde en vervolgens ook nog eens thuis tegen Zenit Sint-Petersburg. Een van de toeschouwers van Lyon-Gent was Mehmed Baždarević, de toenmalige bondscoach van Bosnië en Herzegovina.
In augustus 2016 was het dan eindelijk zover: Milićević kreeg een uitnodiging in de bus voor de Bosnische nationale ploeg. De oefenwedstrijd tegen… Zwitserland op 29 maart 2016 was zonder hem afgewerkt, maar voor de WK-kwalificatiewedstrijd tegen Estland was hij erbij. “Sinds een jaar drong Baždarević aan bij mij om voor Bosnië te kiezen. Hij zag me in Lyon, kwam ook een paar keer naar de Ghelamco Arena. Ik kon niet blijven weigeren, hé”, lachte Milićević in de Belgische pers. Die was natuurlijk geïnteresseerd in zijn verhaal: niet alleen omdat de middenvelder sinds januari 2009 in ons land speelde, maar ook omdat Bosnië en Herzegovina tijdens de Road to Russia in dezelfde kwalificatiegroep als de Rode Duivels zat.
Op 6 september 2016 mocht Milićević, die op 5 januari 2016 dertig was geworden, een kwartier voor tijd invallen tegen de Esten. Nog geen tien minuten later bood hij Vedad Ibišević, anderhalf jaar ouder dan de Buffalo, de assist aan voor de 4-0. Ook in zijn derde en laatste interland, een 0-4-zege tegen Gibraltar op 3 september 2017, was hij ook goed voor een assist, die hij trouwens afleverde via… een vrije trap. Weinig verrassend. De 3-4-zege van België in Sarajevo een maand later zag Milićević vanop de bank. Benieuwd in welke wedstrijd Mili het liefst had willen aantreden: die knotsgekke kwalificatiewedstrijd tussen België en Bosnië, of die oefenpot onder zijn geboorteland en zijn land van afkomst een halfjaar eerder.
Kenny Saief (Verenigde Staten, 2017): twee debuten in twee jaar
Veel tijd had Kenny Saief niet nodig om de harten van de Gent-fans te veroveren: op de zesde competitiespeeldag van het seizoen 2014/15 liet trainer Hein Vanhaezebrouck hem in de 0-1-nederlaag tegen KV Kortrijk in de 82e minuut invallen, in de daaropvolgende wedstrijd tegen Mouscron-Péruwelz in de 75e minuut. Toen scheidsrechter Bart Vertenten ruim een kwartier na zijn tweede invalbeurt affloot, had Saief zijn nieuwe werkgever naar een 1-0-zege tegen promovendus Moeskroen gekopt. En dat voor de ogen van Israëlisch bondscoach Eli Guttman…
Saief werd in zijn debuutseizoen bij Gent meteen landskampioen. De Israëliër schipperde in het kampioenenseizoen tussen basis, bank en tribune. Zijn beste periode kende hij tussen begin december en begin februari, waarin hij zeven keer op rij mocht starten in de competitie. Saief kreeg ook in het seizoen 2015/16 veel speelkansen (37 officiële wedstrijden in alle competities), maar opnieuw stond hij de ene week in de basis en in de andere week weer in de bank of de tribune. Opnieuw kende hij een goede periode qua speelminuten: tussen 24 oktober en 13 decemeber 2015 stond hij achtmaal op rij in de Jupiler Pro League. In Play-off 1 deed hij wel beter met… tien basisplaatsen op rij.
Om dan toch een verschil te kunnen geven tussen de seizoenen 2014/15 en 2015/16: naast de Champions League kon Saief in laatstgenoemd seizoen ook proeven van interlandvoetbal. Alon Hazan, de tijdelijke vervanger van Eli Guttman (en tevens huidige bondscoach van Israël) riep hem samen met zijn ploegmaat Rami Gershon op voor de oefeninterland tegen Kroatië. Gershon kreeg in Osijek een basisplaats, Saief was een van de zes invallers, naast onder andere ex-Genk-spits Elyaniv Barda en huidig recordinternational Yossi Benayoun.
Het seizoen 2016/17 bracht Saief toch iets meer stabiliteit op. Dat zag de Israëliër, die op 31 mei 2016 ook mocht invallen in een oefeninterland tussen Servië en Israël, niet vertaald in extra interlands. De 22-jarige middenvelder leek dan ook ontgoocheld toen hij na zijn Europa League-goal tegen Konyaspor niet werd opgeroepen voor de WK-kwalificatiewedstrijden tegen Noord-Macedonië en Liechtenstein. Gelukkig voor Saief was er nog leven naast Israël: de vleugelaanvaller bezit immers ook een paspoort van de Verenigde Staten, het land waar hij op 17 december 1993 geboren werd. Na afloop van zijn derde seizoen bij Gent koos Saief, die in die tijd met een paar voetbalschoenen speelde waarvan op de ene schoen de vlag van Israël stond en op de andere die van de Verenigde Staten, voor zijn geboorteland. Dat was perfect mogelijk, aangezien hij voor Israël enkel oefeninterlands had gespeeld.
Bruce Arena riep de kersverse Amerikaanse international meteen op voor de Gold Cup 2017, die tussen 7 en 26 juli in eigen land werd gespeeld. Een finaleplaats voor de Verenigde Staten zou dus betekend hebben dat Hein Vanhaezebrouck zijn flankaanvaller quasi een hele voorbereiding had moeten missen. De Verenigde Staten speelden wel effectief de finale – en wonnen die ook –, maar Saief blesseerde zich na zijn debuutinterland tegen Ghana op 1 juli aan de lies en moest uiteindelijk passen voor het toernooi.
Toen Saief op 27 maart 2018 zijn tweede interland voor de Verenigde Staten speelde, had Hein Vanhaezebrouck hem al naar RSC Anderlecht gehaald. Een paar maanden nadat Anderlecht in de zomer van 2018 de aankoopoptie in het huurcontract lichtte, volgden interlands drie en vier. Of ze in de Verenigde Staten goede herinneringen hebben aan Saief bij de nationale ploeg is een goede vraag, want 2018 – het jaar van interlands twee, drie en vier – is het jaar waarin The Stars and Stripes voor het eerst sinds 1986 ontbraken op een WK. Als het ooit weer helemaal beter gaat met Anderlecht, zullen ze daar vast ook de periode waarin Saief onder contract lag in het Astridpark helemáál willen vergeten.
