Quizvraag: noem vijf (ex-)voetballers van Standard Luik die een voornaam als achternaam hebben, al dan niet fonetisch. Start. Philippe Léonard kwam spontaan in me op; Paul Philipp, Guy Thys, Bernd Thijs, Anthony Moris en Olivier Werner heb ik moeten opzoeken. Ik zou hoogstens nog op de huidige T2 van de Rouches gekomen zijn, dus hoe dan ook ben ik gebuisd voor deze vraag.
Gelukkig is er recent een nieuwe kandidaat opgestaan. Enfin, hij heeft nog maar pas zijn debuut voor SL 16 FC gemaakt, maar kom. Oscar Olivier, bezig aan zijn zevende seizoen bij de Luikenaars, mocht op 2 december in de 82e minuut invallen van Réginal Goreux in de 1-3-nederlaag tegen Zulte Waregem. Drie dagen later mocht hij in de inhaalwedstrijd tegen Beerschot al tijdens de rust invallen. Olivier bedankte voor het vertrouwen door in de 77e minuut het enige doelpunt van de wedstrijd te scoren. De jeugdinternational tikte een voorzet van Ilyes Ziani in één tijd binnen, amper zeven minuten nadat hij een prima kans na een slechte aanname van Noah Makembo-Ntemo over had geschoten.
Er is, naast hun jeugdopleiding bij Standard en hun voornaamachternaam nog een andere overeenkomst tussen Philippe Léonard en Oscar Olivier: allebei traden ze in de voetsporen van hun vader door een deel van hun jeugdopleiding bij Standard te genieten. Guy Léonard werd destijds als tiener door de Rouches weggeplukt bij Sprimont Sports, maar de loodzware concurrentie van Jean Nicolay en Christian Piot in doel deed hem in 1967 bij RCS Verviétois tekenen. Later speelde hij met KV Mechelen en RWDM nog in Eerste klasse. De in 1967 geboren Luc Olivier maakte bij de Standard-jeugd deel uit van de generatie van onder andere Daniël Nassen (1966) en Thierry Siquet (1968), maar slaagde er in tegenstelling tot dat duo niet in om door te breken in het eerste elftal van de club.
Via stadsgenoot RFC Seraing kon Olivier uiteindelijk toch proeven van eersteklassevoetbal. Na de degradatie in 1987 speelde hij nog enkele seizoenen bij les Métallos, die in 1990 zelfs naar Derde klasse zakten. Later speelde hij nog voor traditieclubs Olympic Charleroi en UR Namur. Olivier sloot begin deze eeuw zijn carrière af bij RFC Meux. Tijd om de familie op de eerste plaats te zetten, klonk het destijds in de nadagen van zijn carrière.
Nu ja, voetbal maakt natuurlijk een groot deel uit van de familie Olivier. Jules, de oudere broer van Oscar, speelt al jaren in het eerste elftal van CS Wépionnais, dat vorig seizoen kort bij promotie naar de Naamse hoogste provinciale reeks stond. Grootvader Christian Olivier was jarenlang voorzitter van Standard Flawinne, een club uit het hinterland van Namen die het levenslicht zag in 1970, niet toevallig in het midden van de periode waarin de Luikenaars onder trainer René Hauss driemaal op rij landskampioen werden. Oscar bond zelf zijn eerste voetbalschoenen aan bij FC Malonne. Standard ontdekte hem op een zaalvoetbaltoernooi in Marche-en-Famenne. Tiens, dat is de stad waar Hugo Siquet het levenslicht zag…
