Het Andalusisch voetbal lijkt op een stevige domper af te stevenen: alle drie de clubs die momenteel op een degradatieplek staan in de Primera División, komen uit de autonome gemeenschap die meteen een belletje doet rinkelen als vakantiestreek. Als alle drie de Andalusische clubs zakken blijven er natuurlijk nog Betis Sevilla en Sevilla FC over, maar leuk is anders voor de huidige hofleverancier van de Primera División. Hoe zit het met de Andalusische clubs in de lagere divisies?

Doordat Granada vorig seizoen als kampioen promoveerde naar de Primera División en Málaga CF naar de Primera Federación degradeerde, speelt er in het seizoen 2023/24 geen enkele Andalusische club in de Segunda División. Daardoor moeten we meteen doorscrollen naar de Primera Federación, waar negen van de twintig clubs uit de tweede groep (Zuid-Spanje) uit Andalusië komen.

Córdoba CF: de curve loopt dit seizoen van beneden naar boven
De hoogst gerangschikte Andalusische club in de reeks is Córdoba CF, dat tweede staat op acht punten van leider CD Castellón uit de autonome gemeenschap Valencia. Córdoba speelde in de jaren ’60 zeven seizoenen op rij op het hoogste niveau, met een vijfde plaats in het seizoen 1964/65 als beste resultaat. Daarna speelde de club nog maar twee keer op het hoogste niveau, telkens slechts voor één seizoen: een eerste keer in 1971/72 (met de latere Spaanse bondscoach Vicente del Bosque in de selectie), en veel recenter in het seizoen 2014/15, toen met Miroslav Đukić (ex-Moeskroen) lang aan het hoofd van de club.

Na de degradatie in 2015 speelde de club vier seizoenen in de Segunda División, waarna de club naar de Segunda División B zakte. Bij de competitiehervorming in 2021 kwam de club zelfs op het vierde niveau terecht. De club knokte zich meteen weer naar het derde niveau, waar het van 30 oktober tot 17 december (mee) aan de leiding stond maar in maart definitief uit de top vijf viel en uiteindelijk zelfs pas negen eindigde. Dit seizoen is de curve omgekeerd: Córdoba begon met 3 op 12 aan het seizoen, kwam de club pas op 29 oktober voor het eerst op een potentiële promotieplek terecht. Vorig weekend leed de club thuis tegen Alcoyano zijn eerste competitienederlaag sinds de 1-2 tegen Real Madrid Castilla op 4 januari, goed voor dertien ongeslagen competitiewedstrijden op rij.

Córdoba ging in 2010 de wereld rond toen Pepe Reina na de wereldtitel van Spanje een sjaal van de club droeg. De stad an sich behoefde dan natuurlijk allang geen introductie meer: de stad was in de 10e en 11e eeuw een van de belangrijkste steden ter wereld en trekt thans nog veel toeristen naar de Mezquita, het UNESCO-werelderfgoedgebouw dat ooit de grootste moskee van Europa was en na de Reconquista – de herovering van het Iberisch Schiereiland door de katholieken ten nadele van de islamitische Moren – een kathedraal werd. Op die basis verdient de club zeker een plekje op het tweede niveau. Daarvoor rekent het dit seizoen op de goals van Antonio Casas, een jeugdproduct van onder andere Real Madrid en Sevilla FC dat dit seizoen al dertien competitiegoals maakte.

Málaga CF: mogelijk worden straks niet enkel willekeurige toeristen gefêteerd
De Andalusische topschutter van de Primera Federación, dat is dan weer Roberto Fernández, een 21-jarige aanvaller die bij de jeugd van Málaga en Córdoba speelde, maar ook bij Sevilla FC. Vorig seizoen leende Málaga, waar hij in het seizoen 2021/22 zijn officiële debuut in het eerste elftal maakte, hem uit aan het tweede elftal van FC Barcelona.

Málaga kon de goals van Fernández, die vorig seizoen zes keer scoorde in de Primera Federación en eenmaal in de promotie-playoffs, goed gebruiken. De club was na vier seizoenen op het tweede niveau immers zélf afgegleden naar de Primera Federación, en dat uitgerekend tien jaar nadat Los Boquerones de kwartfinale van de Champions League hadden gehaald. De toekomst van de club zag er somber uit: afgelopen zomer klampte een groep fans bij gebrek aan ‘serieuze’ versterkingen zelfs willekeurige toeristen aan op de luchthaven, alsof zij de nieuwste aanwinst van de club waren.

Op de openingsspeeldag van de Primera Federación ging Málaga de boot in bij Castellón, de huidige leider van de groep. Daarna boekte het team van trainer Sergio Pellicer wel vijf zeges op rij. Málaga heeft dit seizoen nooit aan de leiding gestaan, maar staat sinds speeldag drie wel onafgebroken op een potentiële play-offplaats. De kloof met nummer zes, Recreativo de Huelva, bedraagt negen punten.

Stelden we hierboven dat Córdoba zijn plekje op het tweede niveau verdient op basis van de grandeur van de stad, dan is dat zeker ook voor Málaga het geval. Deze club kan in tegenstelling tot Córdoba wel teren op recente successen, die weliswaar beperkt zijn tot een vierde en zesde plaats in de seizoenen 2011/12 en 2012/13 en een kwartfinale in de Champions League in dat laatste seizoen. De ploeg met onder andere Ruud van Nistelrooij, Isco, Nacho Monreal, Santi Cazorla en Jérémy Toulalan is evenwel nog recent genoeg om voor een romantisch beeld te zorgen.

Recreativo de Huelva: de eersten zullen… de eerste achtervolgers zijn
Recreativo de Huelva is de eerste club onder de clubs die momenteel virtueel geplaatst zijn voor de promotie-playoffs. De kloof met AD Ceuta FC, de club uit het Spaanse exclave Ceuta in Marokko, bedraagt slechts één punt. Een terugkeer van voormalig eersteklasser Recreativo de Huelva naar het tweede niveau is dus zeker nog niet uitgesloten. Er is wél een rangschikking waarin de club altijd eerste zal blijven staan: de in 1889 opgerichte club is immers de oudste club van Spanje, wat de bijnaam El Decano opleverde.

Een grote geschiedenis in de Primera División heeft Recreativo de Huelva, ondanks die voorsprong qua leeftijd, niet echt. In 1978 trad de club uit de havenstad een eerste keer toe tot het hoogste niveau, mede dankzij de goals van Real Madrid-jeugdproduct Hipólito Rincón. Het werd een ida y vuelta – heen en terug. Met latere vedetten Manuel Almunia en Dani Güiza als achtergrondspelers ging Recreativo op 28 juni 2003 met 0-3 de boot in tegen het RCD Mallorca van Samuel Eto’o.

In het seizoen 2006/07 slaagde de club er voor het eerst in om zich te handhaven in de Primera División. Enkele bekende namen uit de selectie: Bertrand Laquait (gehuurd van Sporting Charleroi), César Arzo (later bij KAA Gent) en Santi Cazorla (later bij Villarreal, Málaga en Arsenal). Recre eindigde in het seizoen 2007/08 op twee punten van de degradatiestreep, met een jonge Martín Cáceres als Villarreal-huurling als titularis en Real Madrid-flop Edwin Congo als figurant. Het derde seizoen was het seizoen te veel: de club eindigde laatste en verdween (vooralsnog) definitief van het hoogste niveau.

Langzaam maar zeker gleed de club weg: na zes seizoenen in de Segunda División A (2009-2015) volgden zes seizoenen in de Segunda División B (2015-2021). In het coronaseizoen 2020/21, dat ook nog eens het laatste seizoen voor de competitiehervorming in Spanje was, tuimelde de club zelfs naar de nagelnieuwe Tercera RFEF, oftewel het vijfde niveau. El Decano slaagde er snel in om recht te krabbelen: twee promoties op rij later staat de traditieclub weer op het derde niveau. Het is niet ondenkbaar dat de club van die dynamiek gebruik zal maken om voor het eerst sinds 2015 weer op het hoogste niveau te staan.

Antequera CF: een autovía tussen Málaga en Antequera als bindmiddel
Wie voor lange tijd in Málaga verblijft en het voor even gezien heeft in het centrum, staat met het openbaar vervoer in geen tijd in Antequera. De grootste attractie van deze stad zijn de dolmens van Antequera. Deze site, die sinds 2016 op de UNESCO-werelderfgoedlijst staat,

Toen de dolmens gezet werden, was er van Antequera Club de Fútbol nog lang geen sprake. De club zag in 1992 het levenslicht na een fusie tussen CD Antequerano (opgericht in 1939) en CD Puerto Malagueño (opgericht in 1956). In het seizoen 1991/92 eindigden beide teams aan de andere kant van het klassement van hun reeks in de Regional Preferente, het vijfde niveau: Puerto Malagueño eindigde tweede, Antequerano eindigde dan weer op een degradatieplaats. Om het voetbal in Antequera niet naar een te diep niveau te laten zakken, reikten beide teams elkaar in 1992 de hand, geheel in het enthousiasme van de start van de constructie van de autovía – vergelijkbaar met onze autosnelwegen – tussen beide steden in datzelfde jaar.

In het seizoen 1992/93 eindigde de fusieclub net als CD Puerto Malagueño in het seizoen daarvoor tweede. Ditmaal hing er wél een promotie aan vast, waardoor de club naar de Tercera División promoveerde. Daar bracht de club vooralsnog zijn meeste tijd door, weliswaar met enkele uitstapjes naar beneden (2004-2006, 2012/13) en naar boven (2008/09). Na de competitiehervorming in 2021 behield Antequera zijn plekje op het vierde niveau, en vorig seizoen beukte de club zelfs voor de tweede keer in zijn bestaan de deur naar het derde niveau open. De club nam onder leiding van de piepjonge trainer Javi Medina – pas halverwege het seizoen vierde hij z’n dertigste verjaardag – een valste start in de Primera Federación, maar intussen is de club wel op weg naar een zorgeloos seizoenseinde.

Algeciras CF: voor het eerst sinds lang stabiliteit aan de Rots van Gibraltar?
Vanuit Algeciras kun je de Rots van Gibraltar zien, maar kun je ook de boot naar Tanger nemen. Hoeveel keer per dag, dat zoeken we bij gelegenheid nog eens voor u uit, maar feit is in ieder geval dat Algericas CF de voorbije decennia geregeld de oversteek maakte van de ene reeks naar de andere. Na het zes jaar durende verblijf van de club in de Tercera División tussen 1957 en 1962 – dat was toen nog het derde niveau in Spanje –, bleef de club nooit langer dan vier opeenvolgende seizoenen in eenzelfde reeks. De club zakte een paar keer naar de Regional Preferente, maar promoveerde ook een paar keer naar het tweede niveau.

Begin deze eeuw ging het hard voor Los Especiales: in het seizoen 2003/04 speelden ze in de Segunda División A, waar ze ondanks een zege tegen Getafe laatste eindigden, om vervolgens in 2006 te degraderen naar de Tercera División, in 2007 terug te keren naar de Segunda División B, en in 2008 te degraderen… naar de Regional Preferente wegens financiële problemen. Dat noemen ze jojojaren. Tegenwoordig is er meer stabiliteit in het Estadio Nuevo Mirador: na de promotie naar de Segunda División B in 2019 bleef de club ook na de competitiehervorming in 2021 op het derde niveau voetballen. Met een beetje goede wil kun je stellen dat de club voor het eerst sinds de periode 1957-1962 langer dan vier opeenvolgende jaren in dezelfde reeks spelen.

Algericas speelt allicht ook volgend seizoen op het derde niveau: de club staat op zes speeldagen van het einde op elf punten van een plaats in de promotie-playoffs en op zeven punten van eerste degradant San Fernando CD. Al blijft het natuurlijk opletten. Loopt er bij Los Especiales eigenlijk iemand rond met degradatie-ervaring? Jawel, Stefan Milošević zowaar: de Montenegrijnse spits zou in het seizoen 2019/20 allicht uit de Jupiler Pro League degradeerd zijn met Waasland-Beveren, ware het niet dat de Waaslanders gered werden door de stopzetting van de competitie vanwege de coronapandemie.

Milošević was nog geen Montenegrijns international toen Gibraltar en Kosovo het voor het eerst tegen elkaar opnamen in 2019. De huidige recordinternational van Gibraltar, Liam Walker, was er toen uitzonderlijk ook niet bij. Walker begon als tiener zijn seniorencarrière bij… Algericas en speelde later bij onder andere Notss County, Portsmouth FC, Europa FC en Lincoln Red Imps FC. Van Portsmouth zijn we snel bij de naburige havenstad Southampton, dat een niet onbelangrijke link heeft met Algeciras CF: toen de Spaanse club destijds een uitrusting moest zoeken, gingen mensen van de club hun heil zoeken op Gibraltar, waar toen gekozen werd voor het rood-wit waar Southampton FC toen al mee voetbalde.

Atlético Sanluqueño CF: bootje nog niet in veilige haven
Het is niet lang nadenken over een Belgische link met Atlético Sanluqueño. Sanlúcar de Barrameda, de gemeente die wereldberoemd werd als de plek waar Christoffer Columbus ooit uitvoer om aan zijn derde van vier ontdekkingsreizen te beginnen, is sinds 1999 verbroederd met de Brusselse gemeente Koekelberg. Belgische spelers hebben we niet meteen gevonden in de geschiedenisboeken van de club.

Atlético Sanluqueño zat vorig seizoen in een goed lot in de Segunda Federación, die onderverdeeld was in vijf groepen die elk vier clubs mochten afvaardigen voor de promotie-playoffs. Vier van de vijf clubs uit groep 4 haalden het uiteindelijk: Sanluqueño, Recreativo Granada en Recreativo Huelva lieten enkel UCAM Murcia achter. Sanluqueño deed dat door eerst Valladolid Promesas en vervolgens Deportivo Alavés B te verslaan in de knock-outfase. Twee beloftenteams voor een authentieke club, die in het seizoen 2020/21 derde eindigde in de reguliere competitie (weliswaar op slechts tien clubs) en zonder competitiehervorming misschien wel een gooi had kunnen doen naar de Segunda División A.

Het bootje van Sanluqueño – laten we in thema blijven – is nog niet in veilige haven. De club staat net buiten de rode zone, maar telt wel evenveel punten als potentiële degradant San Fernando CDI. Vanavond neemt de club het op tegen de club die voorlopig net buiten de promotie-playoffs valt, Recreativo de Huelva.

Linares Deportivo: een eigen metaal en drie promoties op rij
Internationaal is Jaén, een dorp in de provincie Jaén, vooral bekend omwille van zijn (voormalige) schaaktoernooi. Qua voetbalclubs is het een va-et-vien geweest in Jaén. Het in 2009 opgerichte Linares Deportivo is bijvoorbeeld de geestelijke opvolger van CD Linares, dat om financiële redenen van het toneel moest verdwijnen. Die club was pas opgericht in 1990, het jaar dat… Linares CF opgeheven werd. Vult u zelf maar in met welke Belgische club dit verhaal het best te vergelijken valt.

CD Linares bracht acht van zijn negen laatste seizoenen door in de Segunda División B, Linares CF speelde van 1980 tot 1984 (en in het seizoen 1973/74 zelfs in de Segunda División A. Qua opmars doet het verhaal van Linares Deportivo eerder denken aan het huidige Beerschot dan aan het huidige RWDM: promotie naar het zesde, vijfde en vierde niveau in de eerste drie seizoenen van de club. Na drie seizoenen in de Tercera División volgde in 2015 de promotie naar de Segunda División B. In 2017 volgde de eerste degradatie uit de nog jonge geschiedenis van de club. Opnieuw waren er drie seizoenen in de Tercera División nodig om de stap te zetten naar de Segunda División B. In het overgangsseizoen 2020/21 verzekerde de club zich vervolgens van een plekje in de Primera RFEF, die sinds 2022 de Primera Federación heet. Mogelijk zakt de club volgend seizoen weer naar het vierde niveau, want momenteel staat Linares op een degradatieplek. De situatie is evenwel nog niet hopeloos.

Een leuk weetje: Linares Deportivo speelt, net als zijn geestelijke voorgangers, in het blauw. Dat komt door het feit dat Linares naast zijn voormalige schaaktoernooi ook bekendstaat om zijn loodmijnen. Het mineraal linariet heeft volgens de website Ruben Robijn speciale krachten: het werkt tegen onbenoembare angsten, tegen schuldgevoelens, tegen prostaatvergroting en verlicht bij een droge huid.

San Fernando CDI: fans behoedden de club voor een tweede faillissement in acht jaar
San Fernando, een plaats in de provincie Cádiz, is de geboorteplaats van de huidige Parijse burgemeester Anne Hidalgo. De plaatselijke voetbalclub San Fernando Club Deportivo Isleño (kortweg San Fernando CD) staat in de stand net boven Linares, maar we hebben de clubs hier van plaats verwisseld om bij de voorstelling van San Fernando te kunnen verwijzen naar Linares. Ook deze club stond in 2009 op uit de assen van een failliete voorganger. CD San Fernando werd in de jaren ’40 opgericht door een ‘immigrant’ uit de autonome regio Cantabrië, die drie reeds bestaande clubs (San Fernando FC, Atlético San Fernando en CD Arsenal) samenbracht.

Toen CD San Fernando in 2009 de fles opging, kon geestelijk opvolger San Fernando CDI op een iets hoger niveau herstarten, namelijk op het vijfde niveau. Sanfer promoveerde meteen en stond in 2012 zelfs in de Segunda División B, de reeks waar CD San Fernando was geëindigd. Sanfer zakte na twee seizoenen, maar keerde terug en speelt nu sinds 2016 op het derde niveau. Het vierde niveau lijkt voorlopig dichterbij dan het tweede niveau, waar de club in het seizoen 2012/13 trouwens naartoe af leek te stevenen.

In 2017 leek er al een San Fernando 3.0 in de maak, want Sanfer had zich acht jaar na de heropstart van de club weer diep in de schulden gestoken. In het begin van het seizoen 2017/18 moesten de spelers met eigen vervoer naar de wedstrijd en werd er zelfs op de hulp van fans gerekend. Het quasi volledige bestuur maakte plaats voor een groep fans die de club overnamen. Na een paar jaar haakte een investeringsgroep zijn wagonnetje aan de locomotief van de eilandclub. Neen, San Fernando is geen eiland in de strikte zin van het woord, maar het heeft er in bepaalde opzichten wat van weg.

Club Recreativo Granada: reservenelftal na halve eeuw als onafhankelijke club
Je zou er puur op basis van de naam je hand niet voor in het vuur steken, maar Club Recreativo Granada is wel degelijk het beloftenelftal van Granada CF. Tenminste sinds 1997, want in de vijftig jaar daarvoor was het een onafhankelijke club. Van 1997 tot 2018 heette de club Granada B, maar zes jaar geleden werd de clubnaam gewijzigd naar iets dat deed denken aan de oorspronkelijke clubnaam, Recreativo de Granada.

De nakende degradatie van het eerste elftal van Granada had allicht voor gevolg gehad dat Club Recreativo Granada niet mocht promoveren naar de Segunda División. Dat zal sowieso niet gebeuren, want de club is reeds zeker van de degradatie naar de Segunda Federación. Met nog zes wedstrijden op de kalender kan Recreativo Granada, dat vorig seizoen via de play-offs promoveerde, het verschil van twintig punten met het huidige nummer vijftien, Atlético Sanluqueño, niet meer goedmaken. Ach, een drama vinden ze dat vast niet. Bryan Zaragoza, momenteel door Granada uitgeleend aan Bayern München en straks de tweede duurste uitgaande transfer ooit van de club, deed er in het seizoen 2021/22 toch maar mooi de nodige vlieguren op.

In de Segunda División is Sevilla Atlético, het reservenelftal van Sevilla FC, al zeker van minstens de play-offs. De club kan ook nog kampioen worden in Groep 4. Twee van de vier clubs die momenteel op een potentiële play-offplaats staan, komen uit Andalusië: Marbella FC en Betis Deportivo (het reservenelftal van Betis Sevilla). CD Estepona FS ligt evenwel op de loer: de tien jaar oude club – u raadt het al, ook een rebrand – volgt op slechts een paar punten.

Real Balompédica Linense uit La Línea de la Concepción, een plaatsje op een boogscheut van Gibraltar, ligt iets te ver van de potentiële play-offplaatsen en moet bes naar beneden blijven kijken om uit de gevarenzone te blijven. Dat geldt ook voor Club Atlético Antoniano, een club uit Lebrija in de provincie Sevilla.

Staan momenteel op een potentiële degradatieplaats: Cádiz Mirandilla (het reservenelftal van Cádiz CF), CD San Roque de Lepe uit de aardbeienstad Lepe, El Palo FC en Vélez CF. Laatstgenoemde club, tevens de club waar Fernando Hierro ooit zijn eerste voetbalschoenen aantrok, kan zich enkel nog redden via de play-offs.

In de Tercera Federación zijn groep 9 en groep 10 quasi volledig bezet door Andalusische teams. De enige uitzonderingen: Atlético Melilla en Ceuta B. In groep 9 is Atlético Melilla, een club uit het Spaanse enclave Melilla, al zeker van degradatie naar de División de Honor. In groep 10 staat het tweede elftal van AD Ceuta, een club uit het andere Spaanse enclave op het Marokkaanse vasteland, op een potentiële play-offplaats.

In groep 9 is Juventud Torremolinos, een zusterclub van KMSK Deinze, zeker van minstens een plaats in de promotie-playoffs. Staan er momenteel ook goed voor: voormalig eersteklasser Real Jaén, UD Almería B, UD Torre del Mar en Atlético Malagueño. Die laatste club is het B-elftal van Málaga CF, net zoals Almería B uiteraard het B-elftal is van UD Almería.

CF Motril, de club uit de stad waar koning Boudewijn overleed, lijkt de enige andere club die zich nog van een plekje in de play-offs kan verzekeren. CD Huétor Vega, Arenas CD (een club uit Armilla) en Club Polideportivo Almería is het te laat. Zij lijken wel zeker van het behoud. Dat is iets minder het geval voor CD Torreperogil, UD Ciudad de Torredonjimeno, Atlético Mancha Real, CD El Ejido, CD Huétor Tájar en FC Málaga City (een club uit Vélez-Málaga). Bovengenoemd zestal staat weliswaar op een veilige plaats, in tegenstelling tot UD Maracena en CD Rincón (een club uit Rincón de la Victoria).

In groep 10 is Xerez CD, dat in het seizoen 2009/10 een cameo maakte in de Primera División, zeker van minstens een plaats in de promotie-playoffs. Voorlopig staan CD Ciudad de Lucena (een club uit Lucena), CD Pozoblanco, Xerez Deportivo FC (een club uit Jerez de la Frontera) en de enige niet-Andalusische club uit de reeks, Ceuta B, op een play-offplaats. CD Utrera en Puente Genil FC staan op drie punten van een play-offplaats, CD Gerena moet al zeven punten goedmaken.

De volgende zeven clubs staan op zes punten of minder van de degradatiezone: Córdoba CF B (het B-elftal van Córdoba CF), AD Cartaya, La Palma CF (een club uit La Palma del Condado, en dus niet van het eiland Las Palmas), Bollullos CF (een club uit Bollullos Par del Condado), Conil CF, CA Espeleño (een club uit Espiel) en Sevilla FC C (het derde elftal van Sevilla FC). Coria CF (een club uit Coria del Río) staat met evenveel punten als Sevilla C op een degradatieplaats, met zes punten meer dan Ayamonte CF en CD Cabecense (een club uit Las Cabezas de San Juan).