De bank, dan denken we bij voetbal aan de invallersbank. Waar niemand op terecht wil komen, of het moest een jonge debutant zijn. In dit artikel hebben we het evenwel over de bank als financiële instelling. In de Jupiler Pro League lopen heel wat spelers rond die komende zomer of later voor veel geld vermarkt kunnen worden, maar ook in het rijtje spelers die momenteel door de Belgische eersteklasser worden uitgeleend aan een buitenlandse club zitten vast nog een aantal jongens die wat kunnen opleveren. Wij zochten er vijf voor u uit, elk met een eigen verhaal.
Roman Jaremtsjoek (Valencia CF): eerste goal in de Primera División pas na Nieuwjaar
Zestien miljoen euro betaalde Club Brugge in de zomer van 2022 aan Benfica voor Roman Jaremtsjoek. Daar kwam nog een miljoen bovenop als gevolg van de kwalificatie van blauw-zwart voor de knock-outfase van de Champions League. Nooit betaalde een Belgische club meer voor een speler, of u moet de boekhoudkundige kunstgreep van Olympique Lyon om Ernest Nuamah via RWDM binnen te halen meetellen. Dat geld kon de Oekraïner in zijn debuutseizoen bij blauw-zwart nooit rechtvaardigen. Club Brugge leende hem dan maar uit aan Valencia CF. Daar kon de voormalige doelpuntenmachine van KAA Gent – in het seizoen 2020/21 scoorde hij 21 keer voor de Buffalo’s – nog maar vier keer de netten doen trillen. Op zijn goal in de 3-1-competitiezege tegen Villarreal na waren al zijn goals wel belangrijk: in de bekerwedstrijd tegen vijfdeklasser Arosa SC scoorde hij het enige doelpunt, in de Primera División verdubbelde hij de score na het openingsdoelpunt van Hugo Duro in de 2-1-zege tegen Almería en in het recente 2-2-gelijkspel tegen Real Madrid. Dat Jaremtsjoek pas op 2 januari van dit jaar zijn eerste competitiegoal scoorde voor Valencia (tegen Villarreal), pleit wel niet echt voor hem.
Uit een recent interview van Radio Marca bleek dat Jaremtsjoek gelukkig is bij Valencia. “Ik wil blijven werken en mijn rendement bewijzen met goals”, sprak de Oekraïner. Feit is wel dat Valencia geen aankoopoptie heeft. Zelf onderhandelen over een transfer? Dat zou kunnen, maar van een club die al jaren op zwart zaad leeft zal Club Brugge in het allerbeste geval nog de helft van de aankoopprijs krijgen. Nu ja, dat gaat natuurlijk ook op voor andere potentiële kopers. Jaremtsjoek terug naar Club Brugge? Zijn vertrouwen zou wel eens hersteld kunnen zijn door de Primera División-wedstrijden op de teller, al ging het soms – vaker dan hem allicht lief is – om invalbeurten van een handvol minuten. Dat vertrouwen kan trouwens snel slinken als hij de cijfers van Igor Thiago bij blauw-zwart er eens bijneemt. De Braziliaan kostte ‘slechts’ de helft van Jaremtsjoek en leverde nog geen jaar later 37 miljoen euro op. De gedachte dat Jaremtsjoek straks de Braziliaanse doelpuntenmachine komt vervangen in het Jan Breydelstadion, zal de gemoederen in Brugge vast allerminst bedaren.
Andere uitgeleenden van Club Brugge aan een buitenlandse club: Cisse Sandra (Excelsior Rotterdam), Faitout Maouassa (FC Granada)
Nicolás Castro (Elche CF): een gooi naar de Primera División met een blik op de toekomstplannen van Bilal El Khannouss
Gegokt en… gewonnen. Genk betaalde in de winter van 2020 vier miljoen euro voor de Noorse middenvelders Mats Møller Dæhli en Kristian Thorstvedt. Dæhli werd met verlies verkocht aan 1.FC Nürnberg, maar dat werd ruimschoots goedgemaakt door de transfer van Thorstvedt naar Sassuolo, dat in de zomer van 2022 meer dan tien miljoen euro neertelde voor de 23-jarige Noor. Thorstvedt tekende al vroeg in de transfermercato voor Sassuolo, waardoor Dimitri De Condé meteen een spaarpotje had om op zoek te gaan naar een vervanger.
Een naam die in de eerste helft van juli circuleerde in de Belgische media, was die van Nicolás Castro. De 21-jarige Argentijnse middenvelder had op dat moment al meer dan vijftig officiële wedstrijden gespeeld in het eerste elftal van Newell’s Old Boys, de club uit Rosario die onder andere Gabriel Batistuta en Gabriel Heinze lanceerde. Genk was niet de enige Europese gegadigde: Eintracht Frankfurt bracht ook een bod uit op Castro, maar uiteindelijk koos de toenmalige regerende Europa League-winnaar voor Mario Götze. Voor iets meer dan drie miljoen euro kon Genk de jonge middenvelder binnenhalen. Een logische keuze volgens de Argentijn zelf. “Deze club opent deuren naar heel Europa”, sprak Castro tijdens zijn persvoorstelling.
Die deur werd aanvankelijk op een kier gehouden door Bilal El Khannouss. Castro maakte op 31 juli 2022 zijn officiële debuut voor Genk als invaller voor de Belgische Marokkaan, en dat was een voorbode voor de komende weken: Vrancken liet Castro negen competitiewedstrijden op rij invallen, waarvan zeven keer voor El Khannouss. Dat Castro op 4 november 2022 eindelijk eens een basisplaats kreeg in de Jupiler Pro League, kwam door een gele schorsing van… El Khannouss. Castro zal op het WK 2022 wel volop geduimd hebben voor Marokko, want door de lange aanwezigheid van zijn Marokkaans-Belgische concurrent kon hij na de WK-break een paar wedstrijden als basisspeler meepikken. Op 14 januari 2023 was het zowaar El Khannouss die Castro kwam aflossen in de 1-0-zege tegen Zulte Waregem. Drie dagen later stonden beide heren dan weer samen in de basis in Westerlo.
Castro had even de neus aan het venster mogen steken, maar Wouter Vrancken trok logischerwijs volledig de kaart-El Khannouss. Castro mocht nog geregeld invallen, weliswaar soms zeer kort. Tussendoor liet Hans Somers hem ook een paar keer opdraven met Jong Genk in Eerste klasse B. Excelsior Virton tekende daar zowaar protest tegen aan, want een paar dagen voor de competitiewedstrijd tussen Jong Genk en SL16 FC had Castro meer dan een helft gespeeld tegen Westerlo. Dan kreeg die jongen eens speelminuten…
Speelminuten krijgt bij in Spanje wél bij de vleet. Elche-trainer Sebastián Beccacece drong afgelopen zomer hard aan om zijn landgenoot naar de ex-club van onder andere Fernand Goyvaerts en Gabi Mudingayi te halen. De missie was duidelijk: meteen terugkeren naar de Primera División, waar Elche in het seizoen 2022/23 laatste was geworden. Los Franjiverdes staan nog altijd op schema om dat doel te bereiken. Zondagavond stond Elche nog maar achtste met 44 punten, op een zucht van nummers 5 en 6 (Real Valladolid en Burgos CF, 45 punten) en nummer 4 (Sporting Gijón, 46 punten). Na de 3-0-zege in het inhaalduel tegen AD Alcorcón op maandag zijn Castro en co naar de vierde plaats gesprongen en staan op slechts drie punten van leider CD Leganés (50 punten).
Castro miste voorlopig slechts een handvol wedstrijden. In een paar wedstrijden speelde hij slechts een handvol minuten, maar dat zijn echt uitzonderingen. De Argentijn is wel degelijk een sleutelspeler bij Elche, dat hij met belangrijke goals tegen Racing Santander (1-1-gelijkspel), CD Tenerife (2-1-zege), FC Andorra en FC Cartagena (telkens 0-1-zege) toch al aan de nodige punten hielp. Als Elche straks weer in de Primera División staat, is de kans groot dat de aankoopoptie in het huurcontract gelicht wordt. Om het dan volgend seizoen op te nemen tegen Bilal El Khannouss in de Primera División?
Andere uitgeleenden van KRC Genk aan een buitenlandse club: Rasmus Carstensen (1.FC Köln), Mike Trésor Ndayishimiye (Burnley FC)
Valentin Cojocaru (Pogon): kans op de dubbel in Polen, weinig speelkansen in het verschiet bij OHL
In het seizoen 2021/22 werden de wedstrijden van Oud-Heverlee Leuven verdeeld tussen Rafael Romo, de Venezolaanse dertiger, en Rúnar Alex Rúnarsson, de zoon van Lokeren-legende Rúnar Kristinsson die geboren werd in IJsland maar een deel van zijn jeugd doorbracht in België. In de zomer van 2022 moesten de Leuvenaars op zoek naar een nieuwe doelman, want in april 2022 tekende Romo bij het DC United van Hernán Losada, en even later keerde Rúnarsson terug naar moederclub Arsenal. Kawin Thamsatchanan, de Thaise doelman die in het voorjaar was uitgeleend aan Port FC, keerde in augustus 2022 op definitieve basis terug naar zijn moederland.
In mei 2022 trok OH Leuven een beloftevolle Belgische doelman aan in de persoon van Nordin Jackers. De voormalige Belgische jeugdinternational, een van de vele talenten uit de Genkse keepersschool, had er net drie seizoenen bij Waasland-Beveren opzitten. Na zijn definiteve transfer van Genk naar Beveren was hij zowel in de Jupiler Pro League (2020/21) als in Eerste klasse B (2021/22) titularis geweest. Bij OH Leuven bleef hij in zijn debuutseizoen een heel seizoen op de bank voor Valentin Cojocaru, de Roemeense doelman die in juni 2022 zijn koffers neerzette aan Den Dreef. De Russische invasie van Oekraïne had hem in de tweede helft van het seizoen 2021/22 naar Feyenoord geleid. Daar kwam de Roemeen geen enkele keer in actie in een officiële wedstrijd van het eerste elftal. Dat was eerder ook al het geval geweest tijdens zijn buitenlandse avonturen bij FC Crotone, Frosinone Calcio en Apollon Limassol.
In eigen land had Cojocaru wél al wedstrijden gespeeld. Bij Steaua Boekarest, waarmee hij tussen 2013 en 2015 driemaal op rij landskampioen werd. Bij Viitorul Constanța, waarmee hij in 2019 zijn tweede nationale beker won, na zijn eerdere triomf met Steaua Boekarest in 2015. Bij FC Voluntari, dat hij als huurspeler na een laatste plaats in de reguliere competitie aan een knappe remonte hielp in de play-downs, na enkele maanden coronabreak nota bene. En bij de Oekraïense eersteklasser SK Dnipro-1, waar hij om welbekende reden moest vertrekken.
Na zes maanden zonder officiële matchen bij Feyenoord mocht Cojocaru meteen vol aan de bak bij OH Leuven. Na de openingsspeeldag, waarop de Leuvenaars met 0-2 gingen winnen in Kortrijk, sprak keeperstrainer Bram Verbist zich lovend uit over de Roemeen. “Hij kan zowel met links als rechts trappen en dat is eerder zeldzaam voor een keeper van ruim 1 meter 95. Dat zijn tegenwoordig al heel belangrijke eigenschappen voor een doelman”, aldus Verbist, die zijn korte passage bij Feyenoord een voordeel noemde. A la bonne heure. Pas op de derde speeldag moest Cojocaru zich omdraaien tegen de latere kampioen Antwerp (4-2). Een week later verloor OH Leuven met 0-3 van Club Brugge, maar liet Cojocaru zich opmerken door niet een, maar twéé keer een strafschop van Hans Vanaken te stoppen. De eerste poging moest heromen worden omdat de Roemeen te vroeg vertrokken was, waarop ook de tweede poging gemist werd door de tweevoudige Gouden Schoen. Een week later beet ook Standard-spits Renaud Emond vanop de strafschopstip zijn tanden stuk op de OHL-goalie, al scoorde de Feniks wel in de rebound. Desondanks een mooie statistiek voor Cojocaru, al stond daar wel maar een reddingspercentage van amper 33 procent tegenover.
Cojocaru was even the talk of the town in de Jupiler Pro League, maar geleidelijk aan verminderde de aandacht. De Roemeense doelman deed in de maanden daarop geen uitzonderlijke dingen. Een mooi compliment is dat hij geen minuut ontbrak op het veld, maar voor de rest liet hij zich toch vooral opvallen door wisselvalligheid en onzekerheid. Cojocaru begon ook aan het seizoen 2023/24 als eerste doelman, maar op de vierde speeldag verloor hij zijn plaats aan de Franse zomeraanwinst Maxence Prévot, die later zelf zijn plaats verloor aan Tobe Leysen. In zijn laatste officiële wedstrijd, een 5-1-nederlaag tegen Union Sint-Gillis, ging Cojocaru een paar keer in de fout.
Begin september vorig jaar leende OH Leuven zijn Roemeense doelman voor de rest van het seizoen uit aan de Poolse eersteklasser Pogoń Szczecin. Bartosz Klebaniuk, de jonge Poolse doelman die in augustus vorig jaar nog onder de lat stond tijdens de Conference League-voorrondewedstrijden tegen KAA Gent, verdween meteen naar het achterplan voor Cojocaru, die in negentien officiële wedstrijden slechts achttien tegengoals slikte. Pogón kent een goed seizoen: na 22 speeldagen staan ze op slechts vijf punten van leider Śląsk Wrocław, en in de Beker van Polen staan ze in de halve finale. Is dat allemaal genoeg om de aankoopoptie te lichten die in het huurcontract werd bedongen? Dante Stipica, de 32-jarige Kroaat die in de heenronde in de lappenmand lag bij Pogón en in januari voor de rest van het seizoen werd uitgeleend aan reeksgenoot Ruch Chorzów, heeft nog een contract tot 2026 bij de huidige huurclub van Cojocaru. Komt hij straks het plaatsje van de 28-jarige Roemeen innemen? Wordt vervolgd.
Andere uitgeleenden van OH Leuven aan een buitenlandse club: Emmanuel Toku (Aalborg BK)
Davo (Antonio David Álvarez Rey): trakteert het ‘merk’ Deportivo La Coruña zichzelf op Davo na langverwachte promotie?
Antonio David Álvarez Rey, dat is een hele mond vol. Zijn voetballersnaam luidt daarom Davo. Deze man zag op 18 december 1994 het levenslicht in Luarca, een gehucht met een haventje in de Spaanse regio Asturië. Zijn carrière begon hij bij het lokale Luarca CF, van waaruit hij bij het nabijgelegen Avilés CF belandde. Op de clubwebsite van Luarca onthulde hij zijn favoriete positie: achter de spits of zelfs voorin spelen, al zijn de flanken voor hem ook goed – maar dan het liefst de linkerflank.
Davo maakte begin 2012 zijn opwachting bij de B-ploeg van Avilés in de Regional Preferente, maar stapte in de zomer van 2012 al over naar Real Oviedo, waar hij eveneens voor de B-ploeg speelde, ditmaal wel in de Tercera División. Davo bleef een paar jaar in die Tercera División voetballen voor clubs als UP Langreo, Caudal Deportivo en Zamora CF. Met alle drie deze clubs eindigde hij in de reguliere competitie in de top twee, al dwong Davo weliswaar enkel met Langreo effectief promotie af. Real Oviedo moet onder de indruk geweest zijn, want de voormalige eersteklasser haalde hem in de zomer van 2016 terug in huis… om opnieuw voor de B-ploeg te voetballen. Davo vond er vlot de weg naar doel: met zestien competitiegoals deed hij nog beter dan het seizoen daarvoor, toen hij met Zamora dertien keer raak trof in de Tercera División. Oviedo B eindigde dat seizoen evenwel net onder de play-offplaatsen.
Oviedo B mocht dan wel niet promoveren in 2017, Davo deed dat wél: hij tekende in de zomer van 2017 immers voor kersvers derdeklasser Rápido de Bouzas. Dat avontuur viel tegen, mede door een gebroken middenvoetsbeentje dat hem maanden aan de kant hield. In januari 2018 overstapte naar reeksgenoot CCD Cerdeda, maar ook dat avontuur eindigde al na een half seizoen. De Galicische club eindigde laatste in de competitie en moest door financiële problemen zelfs naar het vijfde niveau zakken. Bouzas eindigde dan weer vijfde, op twee punten van een plekje in de promotie-playoffs.
Na dat turbulente seizoen 2017/18 zocht Davo het oude nest op, en dat deed zijn carrière deugd. Met Zamora eindigde hij eerste in zijn groep in de Tercera División – mede dankzij zijn twintig competitiegoals –, maar in de play-offs sneuvelde de club meteen op uitdoelpunten tegen Haro Deportivo. UP Langreo, een andere ex-club van hem, haalde hem in 2019 terug naar de Segunda División B. Mede dankzij de dertien goals van clubtopschutter Davo eindigde de jeugdclub van David Villa op een veilige tiende plek.
Davo bereikte voor het eerst de Segunda División A als speler van UD Ibiza. De club van het feesteiland haalde de nog altijd maar 25-jarige Davo in mei 2020 weg van het Spaanse vasteland en dwong in 2021 een historische promotie af, mede met dank aan de goals van de man uit Luarca – vijf in de reguliere competitie, vijf in de play-offs. Ibiza kon zich in zijn eerste seizoen op het tweede niveau handhaven, bij de degradatie in 2023 zat Davo al twee clubs verder: na negen goals in achttien competitiewedstrijden voor de Poolse eersteklasser Wisła Płock trok KAS Eupen de geldbuidel open voor de 28-jarige aanvaller.
Op 10 februari 2023 hielp Davo de Oostkantonners met een assist aan de laatste zege van het seizoen – na de 2-1 tegen KV Mechelen sprokkelde Eupen slechts 3 op 27. “Davo staat dichter en dichter bij een basisplaats”, zei toenmalig Eupen-trainer Edward Still voor aanvang van Antwerp-Eupen, de volgende wedstrijd van de Panda’s. Davo kreeg inderdaad een basisplaats op de Bosuil, maar nog voor de rust haalde Still hem al naar de kant om er met Aleksandr Filin een nieuwe verdediger in te brengen na de rode kaart van Loïc Bessilé. Daarna kreeg Davo slechts vier invalbeurten, waarvan één voor het slotkwartier, meer om zich te bewijzen.
In juli 2023 vertelde Dado nog tegen de krant L’Avenir dat hij zich bij Eupen wilde bewijzen onder de nieuwe trainer Florian Kohfeldt. Maar toen kreeg de Spanjaard telefoon van Fernando Soriano, een oude bekende van bij Ibiza die in de zomer van 2023 aan de slag was gegaan bij Deportivo La Coruña als sportief directeur. Het mytische Deportivo La Coruña, dat al sinds 2020 vastzit in het moeras van het derde niveau in Spanje. Vierde keer, goede keer voor de Spaanse kampioen voor 2000? Het kan, want Deportivo staat na 26 speeldagen aan de leiding in de Primera Federación, weliswaar met een zeer kleine voorsprong. Dado deed alvast zijn duit in het zakje door met drie van zijn zes competitiegoals voor vijf extra punten te zorgen. De bijna-dertiger ligt nog tot 2026 onder contract bij Eupen, maar bij een langverwachte terugkeer naar het tweede niveau – al wachten ze in A Coruña vooral op de terugkeer naar de Primera División – zal Soriano misschien de geldbuidel opentrekken. Alle transferbedragen boven de 600.000 euro betekenen winst voor Eupen, als we Transfermarkt mogen geloven.
| Andere uitgeleenden van KAS Eupen aan een buitenlandse club: Jan Gorenc (NK Bravo) |
Sacha Bansé (Valenciennes FC): enkel een épopée lijkt de kersverse Burkinese international in Valenciennes te kunnen houden
In het vorige rampseizoen (2021/22) haalde Standard Luik nog de kwartfinale van de Beker van België, dit seizoen sneuvelden de Rouches al in de achtste finale tegen RSC Anderlecht. Een van de huurlingen van Standard is nog niet uitgebekerd: Sacha Bansé, de 22-jarige middenvelder die dit seizoen de kleuren van Valenciennes FC verdedigt. Op 2 april kijkt de grensclub Olympique Lyon in de ogen voor een plaats in de finale.
‘Het noodlijdende’ Lyon, wilden we eerst schrijven, maar de zusterclub van RWDM is na een kwakkelstart toch opgerukt naar de elfde plaats in het klassement van de Ligue 1. Dat kunnen we niet zeggen van Valenciennes, dat al sinds november laatste staat in de Ligue 2. Les Athéniens staan na 26 speeldagen op maar liefst vijftien punten van een veilige zestiende plaats. Enkel een bekertriomf lijkt het seizoen nog te kunnen opfleuren, al wordt dat geen makkelijk klus voor de jongens van trainer Ahmed Kantari: naast Stade rennais zit ook Paris Saint-Germain nog in het toernooi. Uit betrouwbare bronnen vernamen we dat de eigenaar van Valenciennes er al mee gedreigd heeft om de boel te laten schieten bij een degradatie.
Het lijkt voorlopig weinig waarschijnlijk dat Valenciennes, dat geen aankoopoptie bedong in het huurcontract, de Burkinese international straks definitief overneemt van Standard. Maar in Frankrijk, waar ze na l’Épopée de Calais in 2000 van niets nog raar opkijken, weet je maar nooit. Feit is wel dat Bansé een interessant profiel is, alleen al omwille van zijn voornoemde statuut van international. Bansé is geboren en getogen in België, maar in januari van dit jaar maakte de voormalige Belgische jeugdinternational wel zijn debuut voor Les Étalons. De Standard-huurling zit aan vier A-caps, waaronder twee op de pas gespeelde Afrika Cup, waarin hij met zijn land de achtste finale haalde.
Hadden ze dat ooit durven dromen bij FC Gierle, de club waar het voor hem allemaal begon? Via onder andere KVC Westerlo, KV Mechelen en KAA Gent belandde Bansé in de zomer van 2022 bij Standard Luik, waar hij meteen een vaste waarde werd bij SL16 FC, het beloftenelftal van de Rouches dat in het seizoen 2022/23 zijn intrede maakte in Eerste klasse B. Bansé speelde in de reguliere competitie enkel op het Lisp de wedstrijd niet uit, en in de play-downs miste hij slechts twee wedstrijden. Bansé, met zijn 21 lentes vaak een van de oudere spelers in de basiself van trainer Joseph Laumann, was een toonbeeld van standvastigheid.
DFVF sprak Bansé op 4 februari 2024, toen hij via een directe vrije trap van buiten de zestien zijn eerste profgoal scoorde in het Edmond Machtensstadion. “Bedankt, maar daar zijn we niet verder mee opgeschoten”, zuchtte Bansé toen we hem feliciteerden met zijn pareltje. “Oke, het was wel de 1-1. Een cruciaal punt, zeker mentaal, maar daarna hebben we nog twee goals tegen gekregen. Dat is wel klote natuurlijk. Het was typerend voor ons seizoen. We spelen doorgaans goed voetbal tussen de twee zestiens, maar die laatste pass komt er niet uit en in onze eigen zestien slikken we dan tegengoals.”
Als Bansé terugkeert naar Sclessin, waar hij nog tot 2026 onder contract ligt, zal dat waarschijnlijk niet meer zijn voor het beloftenelftal, dat net als Valenciennes dicht bij een degradatie naar het derde niveau staat. Geen idee hoe het zal zijn na het rampseizoen 2023/24, maar een klein jaar geleden voelde de middenvelder zich alvast gelukkig in Luik. “Ik voel me hier goed in Standard, een leuke club die me veel vertrouwen geeft. Dan mag ik niet klagen”, vertelde Bansé in februari 2023. Toen mocht hij soms al meetrainen met de eerste ploeg van Ronny Deila. Op de slotspeeldag van de Europe Play-offs liet Geoffrey Valenne, de man die de naar Club Brugge vertrokken Deila verving aan het hoofd van de eerste ploeg, Bansé invallen tegen KAA Gent. Carl Hoefkens liet hem in het begin van het huidige seizoen invallen tegen Union Sint-Gillis, Sporting Charleroi en Cercle Brugge.
Met Hoefkens kon Bansé destijds nog Nederlands spreken op Sclessin. In zijn eerste seizoen in Luik was dat alvast geen sinecure: naast hemzelf waren enkel Ibe Hautekiet, Mouad El Fanis en Matthieu Epolo de taal van Vondel machtig bij SL16 FC. “Zelf ben ik niet Franstalig opgevoed, al spreken mijn ouders Frans tegen elkaar. Maar ik kan redelijk goed Frans”, vertrouwde Bansé ons destijds toe. Als we daar ooit al aan twijfelden, dan zeker niet meer na dat jaar bij Valenciennes.
Andere uitgeleenden van Standard Luik aan een buitenlandse club: Denis Drăguş (Gaziantep FK), Noah Ohio (Hull City), Absoul Tapsoba (Amiens SC)
