Op 7 mei 2000, vandaag exact 20 jaar geleden, onttrok zich in het Stade de France bijna een wonder. Toen scheidsrechter Claude Colombo na 45 minuten de rust floot, stond vierdeklasser Calais RUFC met 0-1 voor tegen FC Nantes in de finale van de Coupe de France. Nantes klom na een penalty in de 90e minuut op een 2-1-voorsprong en won zo de 83e editie van de Coupe de France, maar dat kon de trots in de Pas-de-Calais niet bederven. Twee decennia later blijft er van de bekerstuntclub echter nies meer over…

L’épopée de Calais, wordt de bekerstunt van Calais uit 2000 genoemd. Een epos. Zeven verschillende clubs hadden daarvoor al de Franse bekerfinale gehaald als tweedeklasser, Nîmes Olympique had het in 1996 zelfs als derdeklasser gedaan. Maar een vierdeklasser? Nooit. Vierdeklassers sneuvelen meestal in anonimiteit of halen met veel geluk eens een van de laatste rondes. Maar niet Calais, dat voordien enkel bekend was om de kantindustrie, de Kanaaltunnel en de vele immigranten.

Na zeges tegen Campagne-lès-Hesdin, Saint-Nicolas-lès-Arras, Marly-lès-Valenciennes, Béthune en USL Dunkerque wordt Calais in de 1/32e finale uitgeloot tegen Lille OSC. Wanneer trainer Ladislas Lozano vooraf verkondigt dat hij zeker is dat Calais zal winnen, schenkt niemand daar aandacht aan. Toch houdt Calais de toenmalige leider uit de Ligue 2 op een 1-1-gelijkspel in de reguliere speeltijd, waarna het Lille is dat na een ellenlange strafschoppenreeks als eerste kraakt.

In de 1/16e finale heeft Calais geluk: het wordt tegen vijfdeklasser Langon-Castet FC uitgeloot. Le CRUFC haalt het met 3-0 na twee doelpunten van clubtopschutter Mickaël Gérard. Het bekerparcours is dan al historisch, want de club was nooit eerder in de 1/8e finale van het Franse bekertoernooi uitgekomen. Trainer Lozano heeft het wél al eens gezien: hij haalde in 1992 al eens de 1/8e finale van de Coupe de France met US Saint-Omer.

Maar met de amateurs van Calais deed hij het nog véél straffer. In de 1/8e finale mocht Calais zich opmaken tegen tweedeklasser AS Cannes. De wedstrijd leek op strafschoppen af te stevenen, tot de latere Charleroi- en Germinal Beerschot-speler in de 115e minuut Cannes op voorsprong zette. Het sprookje lijkt voorbij, maar Christophe Hogard weet toch nog op tijd een penaltyreeks uit de brand te slepen. Calais-doelman Cédric Schille neemt wraak op Sébastien Chabaud door onder andere zijn strafschop te stoppen. Wanneer Mickaël Gérard oog in oog staat met Yannick Quesnel, heeft hij de kwalificatie voor de kwartfinale aan de voet. Gérard mist niet en doet het Stade de la Libération in Boulogne-sur-mer ontploffen.

Met RC de Strasbourg krijgt Calais in de kwartfinale voor het eerst een eersteklasser voor de kiezen. Alles wat er nu nog bijkomt is bonus, maar kom, het is het magische jaar 2000, en in bekertoernooien wordt wel vaker een loopje genomen met de hiërarchie. Na amper zes minuten komt Calais op achterstand, maar nog voor de rust hebben de mannen van trainer Lozano die al omgebogen in een 2-1-voorsprong. Die geven ze niet meer uit handen. Wanneer de spelers om 3u ’s nachts terugkeren uit Lens, waar de wedstrijd gespeeld werd, barst in Calais een volksfeest los. De spelers van le CRUFC zijn sterren geworden in Frankrijk, maar blijven zo aanraakbaar voor de supporters. Het bekerexploot van Calais zorgt voor een enorme vreugde in een regio die kreunt onder de werkloosheid.

Het enthousiasme wordt er niet kleiner op wanneer Calais in de halve finale ook de regerende landskampioen Girondins de Bordeaux klopt. De supporters moeten wel even wachten voor ze kunnen juichen: pas in de 98e minuut opent Cédric Jandau de score met een heerlijke knal van buiten de zestien. Bordeaux lijkt zich te herpakken en klimt in de 108e minuut op gelijke hoogte via Lilian Laslandes, maar wanneer Mickaël Gérard in de in de 119e minuut de 3-1 door de benen van de Franse international Ulrich Ramé schuift ziet heel Frankrijk het live op televisie: Calais mag zich opmaken voor het Stade de France.

Op 7 mei 2000 wachtte FC Nantes de amateurs van Calais op voor de langverwachte finale. Jérôme Dutitre leek het slotakkoord van een wondermooi sprookje te schrijven door Calais iets voorbij het halfuur op voorsprong te brengen, maar Antoine Sibierski zette vijf minuten na de herneming de bordjes gelijk. Diezelfde Sibierski diende Calais in de laatste minuut van de reguliere doodsteek de doodsteek toe via de stip, nadat Fabrice Baron invaller Alain Caveglia foutief had afgestopt in de zestien. Calais had geen tijd meer om Nantes van antwoord te dienen en zag Les Canaris dus met de beker naar husi gaan. Nantes-aanvoerder Mickaël Landreau toonde zich evenwel menselijk en riep tijdens de ceremonie zijn collega van Calais, Réginald Becque, mee naar boven om samen de trofee in de lucht te steken. Zo stonden prof- en amateurvoetbal heel even samen op het hoogste schavotje.

Hoe mooi het sprookje van Calais ook was, het eindigde helaas in een nachtmerrie. Een jaar na de bijna-bekertriomf promoveerde de club naar de National, het derde niveau in het Franse voetbal. Le CRUFC kon er op een heel seizoen echter slechts twee keer winnen en kreeg meteen een retour naar de CFA – trainer Lozano was toen al vertrokken naar Wydad Casablanca. Nadien kwam Calais voornamelijk in het nieuws vanwege financiële problemen: in 2009 werd de club zelfs administratief teruggezet naar de CFA2. Oh ja, in het seizoen 2005/06 bereikte Calais wel nog eens de kwartfinale van de Coupe de France, waar het sneuvelde tegen… FC Nantes.

Dat de financiële put op het einde van het eerste decennium van de eeuw geen kleintje was, is duidelijk wanneer de club zowel in 2010 als in 2011 eerste eindigt in zijn poule in de CFA2 maar geen toestemming krijgt om te promoveren. Uiteindelijk is het in 2014 toch raak. De club krijgt de financiële problemen echter nooit opgelost en na de degradatie in 2017 is het over en uit: op 28 september 2017 legt de bekerfinalist uit 2000 definitief de boeken neer. Sindsdien zagen twee nieuwe voetbalclubs het leven in de Kanaaltunnelstad: Calais Football Club des Hauts de France in 2018 en Calais Pascal FC een jaar later.