In augustus 2017 kwam het tot een confrontatie tussen Antwerphooligans en supportersbussen van Beerschot Wilrijk. Op 11 december jongstleden deed de rechter uitspraak. Het was niet min.

Ik heb geen inzage gehad in het dossier. Maar ik gun mezelf de vrijheid om hier toch aandacht aan te geven. Het volledige voorval kon namelijk integraal op het internet bekeken worden.

Geen probleem om van mening te verschillen als ik zeg dat ik er geen probleem mee heb als hooligangroepen elkaar onderling te lijf gaan op een afgelegen plek. De fysieke confrontatie. Blijven staan waar anderen gaan lopen. Het oerinstinct loslaten op en met gelijkgestemden. Buffer voor testosteron. De eigen groep verdedigen zien als uiting van iets zinvols.

Om enig misverstand of onduidelijkheid omtrent het treffen in Mortsel direct de kiem in te smoren: ik keur de actie volmondig af. Niet halfslachtig met alsen en maren. Geen verdoken verheerlijking. Geen zoektocht naar excuses. De reden is simpel.

Het verhaal stopt abrupt, en dat is mijn grens, als er onschuldige supporters van de tegenpartij in de klappen delen. Zelfs al waren het allemaal volwassenen. Voor de enkeling zinvol, wordt dan plotsklaps volslagen zinloos, gratuit geweld voor iedereen, dat eenvoudigweg bestraft dient te worden. Daar geen ruimte voor discussie. Maar dat is niet waarover ik het in dit stuk wil hebben.

Als een bloeddorstige roedel stort de pers zich met gretigheid op een serieus incident als Mortsel maar even goed bij een klein nietszeggend akkefietje in de marge van een voetbalwedstrijd. Als er maar een foto is, is het verhaal al geschreven. De automatische piloot slaat op hol. “Meer straf.. hardere straffen..”, roept de menigte. Om ter politiek correctst. Politieke correctheid als hooliganisme van de 21ste eeuw. Met één allesomvattende zekerheid: met hooliganisme-bashing scoort iedereen bij iedereen.

Maar wat met de rechtvaardigheid hiervan?

Nee, geen slachtofferrol. De daders zijn geen slachtoffers voor de verantwoordelijkheid van hun daden. Maar ze zijn wel slachtoffer voor hun buitensporige strafmaat. In het recht is de hooligan pest en cholera tegelijkertijd.

Vijf jaar, vier jaar effectief voor de grootste leider. Vier jaar effectief.

Veroordeeld als terroristen die het overheidsbestel willen omver werpen? Strafmaat als ontradingseffect met een prijs in levensjaren? Met de vrijheid als pasmunt, betalen om openstaande rekeningen uit het verleden te vereffenen?

Alle moraalridders op de banken: “Meer.. Harder..”. Hoe strenger de straf, hoe steviger de klop op de schouder van de rechter.

De lezer die ondertussen paars uitslaat dat ik nog maar het woord ‘rechtvaardigheid’ durfde te gebruiken in een stuk over onbetwist hooliganisme, moet ik vragen nog even rustig verder te lezen. Zoals ik dus zei en herhaal, een bestraffing is noodzakelijk. Maar nu kom ik aan de denkoefening van dit betoog.

Hoe komt het dat in veel berichtgeving over uitspraken over verkrachtingen, overvallen, moord, terreur, pedofilie.. die 4 jaar effectief vaak niet uitgesproken/gehaald wordt? Met het uiterste respect en medeleven voor de gewonden die die dag vielen en al helemaal voor de kinderen in de bussen waarvoor dit alles zeer confronterend en traumatisch is geweest, maar waar in het opgesomd rijtje plaatsen we dit voorval?

Ik hoop oprecht dat niemand blijvende letsels heeft overgehouden aan deze confrontatie.

Maar als ik een foto van de kapotte ruit van de bus zie en vier gewonden, rest er voor mij nog een grote kloof om tot aan vier jaar effectief te geraken. Dan is groepsdynamiek sinds de jaren 80-90 echt wel duur geworden. Hyperinflatie.

Het excessief gebruik van de macht van Vrouwe Justitia (in strafmaat) is hetzelfde als dat van een hooligan. Justitiehooliganisme.

 

Advertenties