Na afloop van Standard – KV Oostende (2-1) werd er vooral nagekaart over de late doelpunten van de Rouches. Dat neemt echter niet weg dat het uit tactisch oogpunt een erg interessante partij was, waarin Michel Preud’homme uiteindelijk aan het langste eind trok.

Aftrap
Dennis van Wijk had het voetbal van Standard grondig geanalyseerd en paste zijn eigen systeem ingrijpend aan. Het werd meteen duidelijk dat hij een antwoord probeerde te bieden op alle sterke punten van de thuisploeg. KVO verscheen met 6 verdedigers aan de aftrap en speelde dus met dubbel bezette flanken, om de hoge backs van Standard op te vangen. Ndenbe en Bataille moesten ervoor zorgen dat Vojvoda en Gavory zo weinig mogelijk voorzetten konden versturen, wat aardig lukte. Daarnaast werden met Palaversa, Neto en Jonckheere drie centrale middenvelders opgesteld. Zij moesten de ruimtes tussen hun linie en de verdediging zo klein mogelijk maken. Standard voetbalt namelijk met veel bewegende mensen voor de bal, maar daar was vrijdag dus geen plaats voor. Met de diepgang van Lestienne heeft Preud’homme verder nog een groot wapen, dit werd opgevangen door bij balverlies meteen in te zakken. Al deze tactische ingrepen resulteerden in een 4-5-1 gekenmerkt door een erg laag blok. Standard kon maar één ding doen: het leer snel laten rondgaan. Dit was echter bijzonder lastig op het slechte veld .

Openingstreffer en een eerste reactie
Vroeg na de pauze scoorde Jelle Bataille de 0-1, waarna Avenatti Bastien kwam vervangen en Standard van een 4-3-3 naar een 4-4-2 à 4-4-1-1 evolueerde. Ondertussen was Guri ingevallen voor de geblesseerde Sakala, die als enige echte aanvaller steeds loerde op de counter. Bij Oostende moest men achterin nu man op man spelen tegen de twee grote aanvallers van Standard, en daar besloot Van Wijk tien minuten later op te reageren. Daarmee bereidde hij echter onbewust de comeback van Standard voor…

KVO naar 5-4-1, Standard met driemansverdediging
De reactie van de coach van de kustploeg was op zich niet onlogisch, maar hij had allicht niet gerekend op de tegenzet van ‘MPH’ en wist daar dan ook niet gepast op te reageren. Van Wijk bracht dus verdediger Tanghe in de ploeg voor Jonckheere, de meest aanvallende centrale middenvelder, en schakelde om van een 4-5-1 naar een 5-4-1. Het lage blok ging daardoor nog lager voetballen, maar dat was niet het grootste probleem. Dat was namelijk de tegenzet: twee minuten later kwam Boljevic Lestienne vervangen, wat op het eerste zicht een ‘man-voor-manvervanging’ leek. Niets was minder waar, want Boljevic nam de volledige rechterflank voor zijn rekening en werd dus een zogenaamde wingback. Gavory vervulde die rol aan de andere kant, Vojvoda werd centrale verdediger (rechts in een driemansdefensie). Carcela schoof naar de 10, waardoor Standard dus in een 3-5-2 ging spelen. Boljevic kwam uiteraard net van de bank en was fris genoeg om het de dubbele bezetting op de flank van Oostende moeilijk te maken. De zet van Preud’homme zorgde opeens voor een overtal centraal op het middenveld (Amallah, Cimirot en Carcela tegenover Neto en Palaversa), waardoor de bezoekers nóg meer moesten inzakken. Daardoor kregen de buitenste centrale verdedigers van Standard, Vojvoda en Laifis, alle ruimte om op te rukken. Hier werd niet op gereageerd door KVO en het was dan ook niet onlogisch dat de twee tegendoelpunten gescoord werden door… Vojvoda en Laifis.

Hieronder kan je de doelpunten nog eens bekijken met de tactische ontwikkelingen in het achterhoofd.