Ik val in herhaling als ik het woord supportersproblemen neerschrijf. Dat was de titel van de negende Spelen Noch Zeiken naar aanleiding van het geweld in de Franse derby’s. België heeft nu een eigen referentiepunt en iedere voetbalminnaar heeft het in handen om dat nooit meer te laten gebeuren.
Heel het palaver over wat zondag plaatsvond – niet de wereldgoal van Nainggolan, niet het zielloze spel van Standard – is gebaseerd op vergissingen. Iedereen sprak over de gek van Beerschot als een enkeling, terwijl paars gejuich opzweepte toen de vuurpijl in het Antwerp-vak belandde. De laatste keer dat excessief geweld zo werd geïdealiseerd in Antwerpen was tijdens de zwarte optochten van VNV begin jaren ‘40. Armpjes strekken en van Adolfje hier en daar. Angst en geweld dragen een duivels evenwicht in ‘good old’ fascisme. Het is dan ook onbegrijpelijk dat een gladde schoonzoon als Jan Van den Bergh dat gedrag niet veroordeelt na de match. Doch had ik niets anders verwacht. Angst houdt geweld in stand. “Dat hoort er gewoon bij.” Net zoals Ritchie De Laet verlekkerd was op de aantijgingen van de ratten en daarom kleine brandjes veroorzaakte.
Hooliganisme kent een tweede adem in België. Er gaat geen weekend voorbij zonder incidenten in of rond een stadion. Lekke beveiliging, indolente politiek, kinderlijke rechtspraak (‘Dat gaan we nooit meer doen, hé!’) en angst geven ‘enkelingen’ carte blanche in hun anarchistische bezetting. Illegaliteit voedt anarchie en repressie zorgt enkel voor meer extremen. Sinds augustus is er een collectief van ultragroepen in overleg met politici om dat tegen te gaan. Zij vragen een gecontroleerde stadioncultuur met bijvoorbeeld een aanvaardbare en veilige plaats voor pyro. Geef ultra’s die gedeelde verantwoordelijkheid. Dan pas moet je elke adrenalinejunk die op het veld met een Bengaal zwaait ruïneren en verloochenen. Nu zit er smet op dat overleg dankzij honderd gemutste zwartjassen uit Luik, die zich niet hoeven te verantwoorden.
Lange Jojo kijkt het met lede ogen aan vanop zijn bronzen troon in de hemel. “Kraagt vliegend schaat en keut ermkes,” zou hij aan de zogenaamde ridders van de voetbalsport zeggen. Zo authentiek Brussels, zo authentiek mens. Het ga je goed, Jojo. Wij trekken onze plan wel.