De hoofdredacteur vroeg om het beste team van het reguliere seizoen samen te stellen. Met een duidelijke regel: maximum één speler per club. Hijzelf gaf het goede voorbeeld (Butez – Van Cleemput – Daland – Ozkacar – Gómez – Konaté – Raskin – Vanaken – Tissoudali – Cuypers – Undav). Plots kwam ik tot het besef dat er duizenden combinaties mogelijk zijn. Enkel Antwerp-keeper Jean Butez staat ook in mijn ploeg. Waarschijnlijk hebben we dezelfde redenering: geen enkele veldspeler van the great old heeft weten te verbazen. Michael Frey in de heenronde … maar er bestaan betere spitsen. Voor de rest kan ik enkel de selectie van Standard-middenvelder Nicolas Raskin polemiseren. Het verraadt het Luikse hart van de hoofdredacteur boven zijn rationeel voetbalverstand. Is dat de enige flikkering die hij zag vanop zijn rode zitje in Sclessin? Of heeft hij op Raskins marktwaarde op Transfermarkt.be liggen blindstaren? Ik ben het zat, ik wil niets meer over die Rouches horen tot ze terug uit hun kot mogen komen eind juli.
Dat zo’n subjectieve selecties emotionele uitlatingen veroorzaken, bewees een voetbalvriend toen ik mijn ploeg presenteerde (Butez – Kayembe – Sadick – Lavalée – Castro-Montes – Nielsen – Schoofs – Mercier – De Ketelaere – Vossen – Zirkzee). Zijn eerste reactie was: “Gediskwalificeerd omdat je een fucking STVV-speler hebt gekozen.” Sint-Truiden was een brok ellende om tegen te spelen dit jaar. 70% parkeren, 30% afstandsschoten van Christian Brüls. Vergis u niet, de match op de slotspeeldag tegen Standard was geen referentie. Iedereen wist dat er nog een ruime zege was beloofd als clausule in de Edmilson-affaire. En dan die vervelende omroeper na ieder doelpunt: “Stayen, laat je hooooooren!” Ik ga over m’n nek. Er zaten tienduizend supporters (70% succeszoekers, 30% parkieten) rond een fake voetbalveld in een fake voetbalstadion van een fake voetbalclub. Allemaal in een fake voetbalwedstrijd. Waarom dan toch Dimitri Lavalée? Hij is gewoon een goede verdediger, dat heeft niets met die parkieten te maken.
Uiteindelijk komt de ware fanboy in ieder naar boven bij zo’n elftal. De heerschap van Nielsen, de cool van Schoofs, de rushes van Castro-Montes, de techniek van Zirkzee … Ik ben er steeds door verwonderd. En in mijn verbeelding spelen die elf namen iedereen naar huis, net zoals iedere fanboy dat over zijn eigen elf namen verbeeldt.