Voor verwoede quizzers is zijn naam inmiddels vaste leerstof geworden: Eziolino Capuano, de Italiaanse trainer die in september 2010 neerstreek bij KAS Eupen, de Oostkantonners hun eerste punt ooit in de Jupiler Pro League bezorgde en nog geen drie weken later alweer weg was. Eupen redde het dat seizoen niet in Eerste klasse. Maar wie herinnert zich nog dat Sporting Charleroi, de andere zakker van dat seizoen, een trainer nóg korter in dienst hield?

Sporting Charleroi-KAS Eupen was op deze eerste competitiespeeldag een doodgewone wedstrijd. Akkoord, er was wel degelijk een inzet. De winnaar zou meteen drie welgekomen punten pakken: Charleroi begon begon in het laatste seizoen onder Karim Belhocine bijvoorbeeld zeer goed, om vervolgens op het einde van het seizoen te zwalpen en dankbaar terug te kijken naar de periode dat ze nog driepunters verzamelden zoals Michael Jordan in zijn topjaren, en ook Eupen zal in een seizoen met drie zakkers op geen enkel punt spuwen. Maar een wedstrijd op leven en dood, neen, dat was het nog niet.

Elf dagen

Anders was het in het seizoen 2010/11, toen beide clubs elkaar zes keer tegenkwamen in de competitie. Dat is verdorie nog straffer dan in 1B! De reden heet ‘Play-off III’. Voor wie het beestje niet meer zou kennen: bij dit format moesten de voorlaatste en de laatste uit de Jupiler Pro League minstens drie en maximum vijf keer tegen elkaar spelen, tot de kloof tussen beide clubs groot genoeg was om een winnaar en een verliezer aan te duiden. De verliezer degradeerde sowieso naar Tweede klasse, de winnaar was na die uitputtingsslag nog niet eens zeker dat hij helemáál een winnaar was, want de prijs voor die tweestrijd was… een ticket voor de eindronde met drie tweedeklassers.

In het eerste seizoen na de invoering van de play-offs moest Play-off III door het faillissement van Excelsior Moeskroen halverwege het seizoen nog een jaartje in de koelkast blijven. KAS Eupen en Sporting Charleroi waren dus de eerste twee clubs die dit format mochten uitproberen. Eupen had in zijn eerste seizoen op het hoogste niveau 23 punten verzameld onder trainers Danny Ost, Eziolino Capuano – hij bleef nog geen drie weken maar pakte wel een punt tegen Zulte Waregem – en Albert Cartier. Charleroi, sinds 1985 onafgebroken in Eerste klasse, kon slechts 19 punten sprokkelen in 30 wedstrijden. Dat deed het onder trainers Jacky Mathijssen, László Csaba, Tibor Balog en het duo Zoltan Kovács-Luka Peruzović (de ene als trainer, de andere als sportief adviseur).

Alsof er tijdens de reguliere competitie nog niet genoeg zerken zijn bijgezet op de trainerskerkhoven Am Kehrweg en op Mambourg, voeren beide clubs tijdens Play-off 3 nóg een trainerswissel door. Charleroi-trainer Kovács, pas binnengehaald in maart, werd na de 3-2-nederlaag op de eerste speeldag al aan de deur gezet. Hij was amper… elf dagen in dienst bij de club. De Carolo’s waren onder zijn leiding tweemaal in iets meer dan een halfuur op voorsprong gekomen (via Tamir Kahlon en Elvedin Dzinic, met daartussen een goal van Pablo Chavarría), maar Ervin Zukanovic en Jefferson bogen die 1-2-achterstand in het slotkwartier alsnog om in een 3-2-zege. Stand na één wedstrijd: zes punten voor Eupen, nul voor Charleroi – de Panda’s startten als voorlaatste met een bonus van drie punten.

De cirkel is rond

Een week later ontving Charleroi de Oostkantonners al met het mes op de keel, want een tweede nederlaag op rij zou betekenen dat Eupen negen punten los staat met nog drie wedstrijden te spelen – u begrijpt, dan spreken we echt al van een waterkansje. Luka Peruzović, die inmiddels het trainersroer had overgenomen van Kovács, zorgde duidelijk voor inspiratie: de Zebra’s waren in ronde 2 duidelijk de betere, wat resulteerde in een 2-0-zege na goals van Dudu Biton en Alessandro Cordaro. Stand na twee wedstrijden: zes punten voor Eupen, drie voor Charleroi.

Zou Eupen tijdens de terugrit naar de Oostkantons ook het figuurlijke mes op de keel gevoeld hebben? Een paar dagen na de 2-0-nederlaag kreeg immers ook Albert Cartier de bons. De Fransman reageerde verbijsterd over zijn ontslag, en nog meer over de geruchten dat hij volgend seizoen aan de slag zou gaan als coach van Sporting Charleroi. Als opvolger werd… Danny Ost binnengehaald, de coach die Eupen een seizoen eerder naar Eerste klasse had geloodst, maar na een 0 op 15 in de Jupiler Pro League zelf ontslag had genomen. De cirkel is rond, noemen ze dat dan.

Elf maanden later

Ost, die tussen zijn twee passages bij Eupen aan de slag was bij RRC Waterloo en AFC Tubize, leek aanvankelijk te gaan aanknopen met zijn slechte seizoensstart met de Panda’s: in ronde 3 stond Eupen na 24 minuten al 0-2 achter. Tamir Kahlon, een van de vele wintertransfers van Charleroi, had beide treffers voor zijn rekening genomen. Eupen draaide de situatie in de tweede helft echter helemaal om: Pablo Chavarría zorgde in de 58e minuut voor de aansluitingstreffer, Abderrazzak Jadid scoorde in de 66e minuut via een mooie vrije trap de 2-2. Chavarría zorgde met zijn tweede treffer van de avond voor de 3-2, Jefferson dikte in de slotfase vanop de strafschopstip nog aan tot 4-2. Charleroi stond toen al met negen na de rode kaarten van Ederson Tormena en doelman Rudy Riou. Het was linksachter Franck Signorino die tijdens de slotfase de honneurs waarnam in doel. Stand na drie wedstrijden: negen punten voor Eupen, drie voor Charleroi.

De vierde confrontatie tussen Eupen en Charleroi stond gepland op zaterdag 23 april. Dag op dag elf maanden eerder had Ost na een 2-1-zege tegen RAEC Mons voor de historische promotie van Eupen gezorgd. Het leek de Oostkantonners niet meteen te inspireren, want pas in de 75e minuut opende Marko Obradovic de score. Toen de Montenegrijn zeven minuten later zijn tweede treffer van de avond lukte, was het over voor Charleroi. Het zal niemand nog troost geboden hebben dat Abraham Kumedor en Dudu Biton in de blessuretijd voor een 2-2-eindstand zorgden. Na 26 seizoenen op rij degradeerde Charleroi naar Tweede klasse, waar het meteen de titel pakte. Ook Eupen redde het uiteindelijk niet, want in de eindronde tegen Lommel United, RAEC Mons en Waasland-Beveren pakten ze welgeteld nul punten.