Met zijn 16 jaar, 9 maanden en 5 dagen was Nkuba op 26 oktober 2018 de jongste debutant van het seizoen in de Jupiler Pro League. Een maand later deed Jérémy Doku van Anderlecht beter, maar Nkuba verwezenlijkte dit seizoen hoe dan ook een mijlpaal: de jonge rechtsbuiten van Charleroi is de eerste speler geboren in 2002 die minuten maakte in Eerste klasse A. Tiens, Charleroi en jeugdspelers, dat was de laatste jaren toch geen al te succesvolle combinatie? Gedaan daarmee, want de club hoopt in de nabije toekomst een flink aantal zebraveulentjes het veld in te sturen. Alvast gebombardeerd tot hét gezicht van die nieuwe generatie: Ken Nkuba Tshiend.

Zeggen dat Sporting Charleroi geen opleidingsclub is zou een leugen zijn. Met Alex Czerniatynski, Philippe Albert, Philippe Vande Walle, Daniel Van Buyten, Grégory Dufer en Laurent Ciman leidde het zelfs meerdere latere Rode Duivels. Onder het voorzitterschap van Abbas Bayat (2000-2012) had de club echter een bedenkelijke reputatie van duiventil. Niet alleen trainers passeerden er aan een hoog tempo, ook de rest van de club was geregeld een wespennest. Geen ideale broedplaats voor jeugdspelers dus: Charleroi trok in die tijd liever de Franse markt op. Mogi en Mehdi Bayat maakten er destijds zelfs smalend een liedje over:
“Perdu en France, saisis ta chance.
Aucun problème. Tu seras un star quand même”
(“Verloren in Frankrijk, kans daar verkeken.
Geen probleem, bij ons word je een ster”)

Brak er in de Bayat-periode dan geen enkele jeugdspeler door op Mambourg? Toch wel. Thibaut Detal stroomde in 2002 door naar de A-kern en speelde 81 wedstrijden in Eerste klasse, alvorens in de lagere divisies te verzeilen. Laurent Ciman volgde twee jaar later na een ommetje bij buur Olympic Charleroi en werd later net geen WK-speler. In het seizoen 2006/07 lanceerde trainer Jacky Mathijssen met Geoffrey Mujangi Bia en Habib Habibou nóg twee latere bekende namen, al werden zij pas één jaar daarvoor weggehaald bij de jeugd van respectievelijk Anderlecht en Paris Saint-Germain. En ook Ilombe Mboyo en Pietro Perdichizzi versierden na hun eersteklassedebuut bij Charleroi een transfer naar een G5-club. Zó dramatisch was de doorstroming van de jeugd naar de A-kern dus niet bij Charleroi tijdens het woelige bewind van Bayat.

De voorzitterswissel in 2012 leidde uiteindelijk ook tot een identiteitswissel in het Stade du Pays de Charleroi. Onder voorzitter Fabien Debecq kende de club sinds 2012 nog maar twee trainers: Yannick Ferrera (2012-2013) en Felice Mazzu (2013-heden). De club kende onder Mazzu nog geen enkele keer degradatiezorgen en lijkt al jaren een oase van rust geworden. Door de hoge winstmarges die de voorbije jaren gehaald werden dankzij uitgaande transfers als Neeskens Kebano, Dodi Lukebakio, Kaveh Rezaei en Cristian Benavente lijkt elke ingaande transfer nu een weldoordachte keuze. Enige keerpunt in vergelijking met de periode waarin jaarlijks op goed geluk een blik spelers uit Frankrijk werd opengetrokken: de doorstroming vanuit de jeugd is pover geworden. Van het huidige type-elftal is enkel Dorian Dessoleil een jeugdproduct, en die had dan nog een ommetje bij STVV en Excelsior Virton nodig om door te breken bij de Zebra’s. Ook invallersdoelmannen Valentin Baume en Joachim Imbrechts komen uit de eigen jeugd, maar hen wacht mogelijk hetzelfde lot als recente voorgangers Maxime Vandermeulen (nu bij Francs-Borains) en Ethan Poulain (nu bij FC Symphorinois). Zelfs Jessy Galves-Lopez, tussen 2013 en 2016 goed voor 43 officiële wedstrijden in het eerste elftal, speelt inmiddels in Eerste klasse amateurs bij Châtelet-Farciennes. Neen, de eigen jeugd speelde de voorbije jaren écht geen grote rol van betekenis op Mambourg.

View this post on Instagram

📸#IBelongToJesus

A post shared by Ken Nkuba-Tshiend (@__nkuba__) on

Charleroi besloot echter het roer om te gooien. Sinds enkele jaren werkt de club hard aan een herlancering van de jeugdacademie. De eerste exponent na het jarenlange stille voorbereidingswerk luistert naar de naam Ken Nkuba Tshiend. Twee weken nadat Felice Mazzu hem in oktober vorig jaar uitprobeerde in een oefenduel achter gesloten deuren tegen Union Sint-Gillis, mocht de 16-jarige rechtsbuiten negen minuten invallen tegen AA Gent – nota bene enkele uren nadat hij zijn eerste profcontract tekende. Een mooie blijk van vertrouwen voor een jongen die het seizoen bij de U18 startte en bij zijn debuut nog maar enkele weken met de beloften meetrainde.

De sleutel achter die vlotte overgang is volgens Nkuba te zoeken bij Samba Diawara, die bij Charleroi zowel T3 als beloftencoach is. “Samba heeft een zeer grote rol gespeeld in alles wat mij dit seizoen al overkomen is”, vertelt Nkuba in een exclusief gesprek met DFVFHij heeft me heel wat dingen bijgebracht over de vereisten die je dagelijks voor de dag moet leggen om het te maken”. Nkuba kijkt duidelijk op naar Diawara, en beloofde kort na zijn debuut in de pers dat hij hard zou werken om een vaste waarde te worden bij de U21. Een logische stap, gezien hij haast meteen van de U18 naar het eerste elftal sprong. “Mijn seizoen bij de U21 verloopt gelukkig vooralsnog goed”, vertrouwt Nkuba ons zes maanden later toe. “Ik probeer er tijdens iedere wedstrijd mijn beste niveau te halen. Ik wil echt beslissend zijn voor mijn team, ook al moet ik soms nog beter leren omgaan met het feit dat de eisen op dit niveau heel hoog liggen”.

Tussen zijn debuut en zijn volgende speelminuten, op de slotspeeldag van de reguliere competitie vijf maanden later, gebeurde er heel wat. Nkuba liet de U18 van Charleroi definitief achter zich, speelde bij de beloften regelmatig samen met zijn idool Jérémy Perbet – “Ik was ballenraper bij Bergen toen hij daar topschutter van de Jupiler Pro League werd” – en mocht deze winter mee op winterstage met het eerste elftal naar het Spaanse El Saler. Nkuba kreeg in Spanje bovendien te horen dat hij door bondscoach Bob Browaeys was opgeroepen voor een vriendschappelijk toernooi met de nationale U17. “Een immens moment van trots! Ik had immers nog nooit een nationale selectie gekregen in een lagere jeugdcategorie”, aldus een van trots glunderende Nkuba, die zijn internationaal debuut evenwel een maand moest uitstellen vanwege een enkelblessure opgelopen op winterstage.

Een uit Bergen afkomstige jeugdspeler die wordt weggeplukt bij de gerenommeerde jeugdopleiding van Moeskroen: het ziet er inderdaad naar uit dat Charleroi eindelijk weer grootse plannen heeft met de jeugdwerking. “Ik weet niet of ik bij Moeskroen dezelfde vooruitgang had geboekt dan ik bij Charleroi zou gedaan hebben”, aldus Nkuba. “Ze hebben weliswaar een fabuleus einde van de reguliere competitie achter de rug, mede dankzij een ontketende Manuel Benson. Dat heeft me veel plezier gedaan, want de situatie van de club is niet altijd rooskleurig geweest. Of ik in dit swingende Moeskroen ook mijn kansen had kunnen afdwingen? Kijk, ik ben heel gelovig, en ik ben ervan overtuigd dat het de wil van God was om een passage bij Charleroi aan mijn levenspad te koppelen. Wat er mij vandaag gebeurt, gebeurt dankzij zijn gratie.

Heeft God er ook een lang verblijf op het hoogste niveau aan gekoppeld? Dat zal er mogelijk van afhangen of Felice Mazzu hem laat aantreden in Play-off 2. Doorgaans wordt die competitie weleens gebruikt als platform om jongeren eersteklasse-ervaring bij te brengen, maar niets daarvan bij Charleroi: Mazzu gaf aan een zo goed mogelijk parcours te willen afleggen in Play-off 2 en de nacompetitie dus niet als laboratorium te gaan gebruiken. Indien Nkuba in één van de zes resterende PO2-wedstrijden een kans krijgt, maakt hij dus écht deel uit van de nabije plannen van Mazzu. “Ach, ik hoop vooral vooruitgang te blijven maken met deze groep, zoals ik de voorbije maanden heb gedaan”, haalt Nkuba de druk van de ketel. “Maar ja, waarom dit seizoen niet nog eens een wedstrijdje in het eerste elftal meepikken? Als de coach me nodig heeft, zal ik er alleszins staan. Volgend seizoen zie ik als een continuïteit van het huidige, waarin er mogelijkheden liggen om de werken aan de regelmaat”. Hét gezicht van de Zébrions, de zebraveulens, heeft gesproken.