Nadat Real Madrid deze zomer een Operación Salida hield, gaat het ook bij Anderlecht hard. Tussen de vele vertrekkers ook Neerpedeproduct Sven Kums, die twee jaar na zijn Blijde Herintrede in het Astridpark terugkeert naar AA Gent. Dat Kums – die meer dan tien jaar bij de jeugd van Anderlecht speelde – er niet in slaagde om paars-wit uit het slop te trekken, is bijzonder jammer. Het was immers mooi geweest, een door-de-grote-poort-teruggekeerde jeugdspeler die de kar trok voor de Kompany-kids.

Je zou het haast vergeten, maar Kums – geboren in de Brusselse randgemeente Asse – is een kind van het huis. Hij ruilde de jeugdopleiding van Dilbeek op achtjarige leeftijd voor die van Anderlecht, waar hij tijdens zijn eerste passage twaalf jaar zou blijven. In die twaalf jaar zaten twee uitleenbeurten van een half seizoen: één aan Lierse onder Kjetil Rekdal, en één aan KV Kortrijk onder Hein Van Haezebrouck. In 2008, toen er in de verste verte nog geen sprake was van zo’n uitgebreid jeugdproject als vandaag, werd de twintigjarige Kums definitief verpatst aan Kortrijk. Qua jeugdproducten viel hij tussen de lustrumtalenten Kompany/Vanden Borre (2003) en Lukaku (2009).

Via Kortrijk, Heerenveen, Zulte Waregem en AA Gent knokte Kums zich echter terug. Bij de Buffalo’s boekte hij zijn grootste successen: met zijn druk op de tegenstander en bijdrage tot een vlotte balcirculatie hielp hij de Gentenaars aan hun eerste landstitel ooit en de daaropvolgende overwintering in de Champions League. Een Gouden Schoen en een transfer naar Watford/Udinese was zijn deel. De Serie A werd geen succes, maar gelukkig boden zich na een jaar twee oude liefdes aan: Gent en Anderlecht. Kums koos voor zijn eerste liefde, Anderlecht. De club waar zijn vader jaren jeugdtrainer is geweest. De club waar hij als kleine jongen naartoe ging – auto voor de deur van oma in Dilbeek parkeren en te voet naar het stadion. Maar ook de club waar hij geen kans kreeg in het eerste elftal.

Rematch made in heaven

No hard feelings, zei de van Watford overgekomen Kums twee jaar geleden. Hij nam Anderlecht niets kwalijk, want als tiener was hij nog niet klaar voor het eerste elftal. “Welkom thuis, kind van het huis”, sprak Anderlecht liefdevol. Een nieuw jeugdproduct op het middenveld na het vertrek van Youri Tielemans, het kon niet beter. Splijtende passes zoals die van Tielemans hoefden we van Kums niet te verwachten, leiderscapaciteiten des te meer. Het hele Astridpark zag een (re)match made in heaven, behalve… Rene Weiler. De Zwitser zag het niet in Kums, nam hem eerst niet op in de selectie voor de Champions League-wedstrijd tegen Bayern München, stelde hem uiteindelijk centraal achterin op, waarop Kums na nog geen kwartier rood pakte.

Ook Hein Vanhaezebrouck, zijn ex-trainer van bij Kortrijk en Gent, kreeg de motor van Kums niet aan de praat. Een gebrek aan spelvreugde, zo leek het wel. De tandem met Adrien Trebel werkte vaker niet dan wel, Kums werd nooit de dragende speler waar Anderlecht van droomde. In een draaiend elftal had hij paars-wit ongetwijfeld naar een hoger niveau kunnen tillen met zijn snelle balcirculatie en balvastheid, maar in het zwalpende Anderlecht van de afgelopen twee seizoenen verzoop hij mee met de rest. Statistieken om dit weg te moffelen haalde hij niet – al hoor je van een verdedigende middenvelder geen dubbele cijfers te verwachten. Twee zomers na de terugkeer langs de grote poort is de conclusie duidelijk: de vaak zoutloze Kums was een miscast. Ironisch dat hij net naar de uitgang van het Lotto Park wordt gestuurd wanneer Anderlecht weer volop de kaart van Neerpede trekt. Hopelijk voor Gent herhaalt de geschiedenis zich en is Kums’ terugkeer bij zijn ex-club een blauwdruk van zijn eerste passage. Bij Anderlecht viel hij de voorbije twee seizoenen tijdens wedstrijden immers soms niet méér op dat toen hij nog een reservespeler met jeugdpuistjes was.

Advertenties