Donderdagavond (11 februari, 19u) neemt Bayern München het in de finale van het WK voor clubs op tegen het Mexicaanse Tigres. De Centraal-Amerikaanse club, met cultspits Gignac als uithangbord, neemt in Qatar voor het eerst in zijn carrière deel aan dit toernooi.

Naar jaarlijkse gewoonte spelen de winnaars van de 6 continentale bekertoernooien (Copa Libertadores, Champions League, AFC Champions League, CAF Champions League, CONCACAF Champions League en OFC Champions League) én de kampioen van het organiserende land (in dit geval Al Duhail, kampioen van Qatar en huidig werkgever van onder andere Junior Edmilson) om de prestigieuze titel van beste club ter wereld. Normaal werd deze competitie in december 2020 al afgewerkt, maar vanwege de maatregelen omtrent het coronavirus werd deze uitgesteld tot begin februari. Nog een bijzonderheid aan deze editie is dat er geen deelnemer van de OFC Champions League (de continentale competitie van Oceanië) werd afgevaardigd, aangezien Auckland City vanwege gezondheidsrisico’s niet kon deelnemen aan het toernooi.

Tigres UANL (voluit: Tigres de la Universidad Autonoma de Nuevo Leon) werd opgericht in 1960. In het seizoen 1973-74 promoveerde het naar de Mexicaanse eerste klasse, en amper twee seizoenen na de promotie mocht Tigres al voor het eerst een beker in de lucht steken: het won de Copa Mexico, de Mexicaanse beker (later omgevormd tot de ‘Copa MX’). Later zou het deze trofee nog tweemaal winnen.

Maar ook in de Mexicaanse competitie laat Tigres zich opmerken. In 1978 pakt het zijn eerste landstitel, gevolgd door een tweede in 1982. Later werd de competitie opgesplitst in twee delen: de apertura, het eerste deel van de competitie, en de clausura, het tweede deel. Beide delen worden gespeeld door dezelfde 18 teams, en na elke competitiehelft volgen er play-offs om de kampioen aan te duiden. Er wordt dus zowel een kampioen van de apertura als van de clausura gekroond. Tigres won de apertura reeds vier keer, terwijl het de clausura voorlopig slechts één keer op de schouw mocht zetten. Na het afwerken van beide competities, strijden de 2 kampioenen (apertura en clausura) om de titel ‘Campeon de Campeones’. Deze titel werd door Tigres al 3 keer gewonnen.

Maar, het hoogtepunt in de geschiedenis van Tigres, was het winnen van de CONCACAF Champions League in 2020. Dankzij een 2-1-overwinning in de finale tegen Los Angeles FC kwalificeerde Tigres zich voor het eerst voor het WK voor clubs. Tigres rekende reeds af met Ulsan Hyundai (kwartfinale) en Palmeiras (halve finale). Het is daarmee de eerste club ooit uit de CONCACAF die de finale van het WK voor clubs bereikt. Hierin staat Tigres tegenover Bayern München, de geoliede machine van Hansi Flick. Het rekent in de finale vooral op smaakmaker André-Pierre Gignac (35), een topspits die in het verleden onder meer bij Marseille en Toulouse het mooie weer maakte. Hij loodste Tigres dankzij een penaltygoal al voorbij Palmeiras, en hoopt ook tegen Bayern München aan het kanon te staan.

Indien Tigres het laken naar zich toe weet te trekken in de finale, is het de eerste niet-Europese ploeg die het WK voor clubs wint sinds Corinthians in 2012.