Op 31 oktober wordt niet enkel – ironisch genoeg – de dertiende speeldag in de Jupiler Pro League afgewerkt, ook is het dan Halloween. Wie niet van griezelen in bossen of verlaten gebouwen houdt, kan ook in voetbalstadions terecht, want ook daar spelen zich geregeld vreselijke taferelen af.

Een pijnlijke “Auwww” hier, een onthutsende “Ohhh” daar. Voor de voetbalfan gaan er veel emoties gepaard bij het beleven van een wedstrijd in het stadion, en die zijn niet altijd even prettig. Eigen doelpunten, afschuwelijke tackles en onbegrijpelijk missers. Nachtmerries die met Halloween voor één keer wel verantwoord zijn, zij het met enig sarcasme.

Spookdoelpunt

In tijden van de Video Assistant Referee (VAR) zien we het nog zelden, maar toen er nog geen technologische hulpmiddelen waren gebeurde het wel eens dat de scheidsrechter een niet-gescoord doelpunt onterecht goedkeurde. Een goal die er geen was, of met andere woorden een spookdoelpunt.

Toenmalig RC Genk-speler Hervé Kage zag in 2014 samen met de rest van het stadion zijn doelpoging via de deklat duidelijk vóór de doellijn terug wegtikken. Eén man zag dat echter anders. De lijnrechter oordeelde dat de bal wél achter de doellijn beland was en keurde – tot verrassing van Kage zelf – ‘het doelpunt’ tóch goed.

Toen ze in Limburg dat seizoen dachten alles gezien te hebben, kwam de absolute climax enkele maanden later. Scheidsrechter Nicolas Laforge en zijn assistenten kenden de bezoekers van KV Kortrijk een ‘spook’hoekschop toe, nadat de West-Vlamingen een reglementair doelpunt hadden gescoord. Geen kat in de Genkse tribunes die begreep waar die vreemde beslissing vandaan kwam.

Een goal scoren, maar hem toch niet toegekend krijgen, het gebeurt wel vaker. Iets wat de doellijntechnologie – die steeds vaker zijn intrede doet – in de toekomst definitief zou moeten voorkomen.

Het enige échte spookdoelpunt staat op naam van Stefan Kiessling die voor Bayern Leverkusen op onverklaarbare wijze via de buitenkant van het zijnet scoorde tegen Hoffenheim. Een gat in het net – en geen bovennatuurlijke praktijken – was achteraf de eenvoudige uitleg.

Schwalbe of fopduik

In het verlengde van hierboven is er ook nog de fopduik. In (Duitse) voetbaltermen ‘de schwalbe’ genoemd. Een overtreding uitlokken, door er een serieuze schep bovenop te doen. Wie niet beter weet, zou denken dat er ergens een onzichtbare arm of been een extra duw geeft om een speler op te grond te werken, maar het gaat wel degelijk om het betere acteerwerk van de voetballer zelf.

De Nederlander Arjen Robben en de Braziliaan Junior Neymar zijn onder meer spelers die zich in het verleden meermaals lieten verleiden tot een fopduik om een – al dan niet terechte – fout uit te lokken. Robben deed het op WK van 2014 in de achtste finales tegen Mexico om een strafschop te versieren, Neymar rolde op het WK van 2018 in eigen land zowat heel het veld over in de wedstrijd tegen Zwitserland.

Een bewuste schwalbe wordt tegenwoordig bestraft met een geel karton of weggewuifd door de VAR, ook al wordt er door spelers nog geregeld te vergeefs gewezen naar het onzichtbare been waar ze over vielen.

Akelig lege stadions

Niets zo bedroevend als een kill en leeg stadion waarin gespeeld wordt. Nog niet zo heel lang geleden was dat helaas ook realiteit, door een duivels (vleermuizen)virus dat wereldwijd de ronde deed. De echoënde kreten van de spelers en coaches op het veld, illustreerden misschien nog wel het meest de akelige stiltes in de tribunes. Geen gezangen, geen sfeer, geen beleving.

De Engelse BBC portretteerde vorig jaar hoe een voetbalwedstrijd in Schotland eruitzag en klonk zonder fans. Zeer bevreemdend.

Gelukkig is dat inmiddels verleden tijd, en kunnen de voetbalfans opnieuw in volle stadions hun club naar de overwinning stuwen, al zullen er altijd wel een aantal zijn die – ook mét toelating van supporters – in een (half)leeg stadion spelen.

Horrortackle

Misschien wel de akeligste gebeurtenis op het veld. Een donkerrode tackle of horrortackle. Het komt soms nog te vaak voor dat een speler bij het tackelen niet de bal, maar wél de tegenstander meegraaid met alle gevolgen van dien. Vooral de enkels en het onderbeen krijgen het bij zulke tussenkomsten vaak hard te verduren.

Onder meer in Engeland kunnen ze er wat van. De doorgaans altijd faire Tottenham-aanvaller Heung-min Son ging enkele seizoenen geleden té stevig door op het been van Everton-middenvelder André Gomes die er een zware beenbreuk aan overhield. De Zuid-Koreaan was na het zien van de blessure van zijn opponent zelf in shock.

Ook Messi kreeg in september van dit jaar tijdens een interlandwedstrijd met Argentinië tegen Venezuela af te rekenen met een vreselijke tackle. De kleine spelmaker kwam met de schrik vrij en hield er niks ernstig aan over.

Niet enkel het onderlichaam maar ook en vooral het hoofd is een fragiel lichaamsdeel. Bij luchtduels of ongelukkige tussenkomsten is het altijd schrikken als er een van de spelers enkele seconden later roerloos op de grasmat blijft liggen. Liverpool-aanvaller Sadio Mané plantte in de topper tegen Manchester City (2017) zijn studs onbesuisd op het hoofd van doelman Ederson Moraes in een duel om de bal. Een karatetrap waar de Braziliaanse goalie – ondanks de zware klap – alles bij wonder geen zware verwondingen aan overhield. Hooguit een aantal kneuzingen, builen en schrammen.

Horror op het veld en telkens vreselijke beelden waar we u alvast willen voor waarschuwen. Geen behoefte aan: scrol en lees rustig verder.

‘Batsman’ de vleermuis

Het hoeft niet enkel kommer en kwel te zijn als het over Halloween gaat, het kan ook ludiek zijn. Vraag dat maar aan Michy ‘Batsman’ Batshuayi. De spits van de Rode Duivels is zowaar een echte vleermuis en eigende zichzelf de bijnaam ‘Batsman’ toe, verwijzend naar de superheld Batman.

Zijn liefde voor strips zit daar voor een groot deel tussen. Net als Batman wil Batshuayi plots uit het niets verschijnen om het ondenkbare te doen. Zeg maar de held van de match worden, door toe te slaan met de winnende treffer te scoren. Not all heroes wear capes. De aanvaller heeft zelfs zijn eigen ‘Bat(s)mobiel’.

Toen de Brusselaar in 2018 op huurbasis naar Dortmund verkaste, pakte de Duitse Bundesliga uit met een knap en ludiek themafilmpje.

Schijnbeweging

Een schijnbeweging of handeling uitvoeren om de tegenstander op het verkeerde been te zetten. Het heeft wat weg van geesten en spoken. Doen alsof je schiet, om dan opeens uit te pakken met een fraaie dribbel. Magisch voor de uitvoerder, angstaanjagend voor de tegenstander die erin trapt.

De mist ingaan

Een scheidsrechter die een foute beslissing neemt, een doelman die zich verkijkt op een verre bal of een verdediger die het leer ongewild maar wel keihard tegen de eigen netten knalt. Iedereen gaat op zijn beurt wel eens de mist in, om vervolgens met schaamrood op de wangen de wedstrijd verder aan te vatten. Blunders en nachtmerries die nu eenmaal bij het spelletje horen. Dat scheidsrechters en voetballers ook maar gewoon mensen zijn, illustreren onderstaande beelden.

In de wedstrijd tussen Vendsyssel FF en FC Fredericia in de Deense tweede klasse nam scheidsrechter Nils Heer de ongelukkige beslissing om te fluiten voor een overtreding, in plaats van te laten doorspelen om de aanvallende ploeg een grote kans niet te ontnemen. De man besefte meteen dat hij fout zat en stortte zich uit teleurstelling op de grond. Enkele spelers kwamen de arbiter gelukkig een troostend schouderklopje geven.

De owngoal van de Slowaakse keeper Martin Dubravka in de EK-wedstrijd tegen Spanje afgelopen zomer kende een minder happy end. De doelman schatte een hoge bal helemaal verkeerd in en bokste het leer pardoes in eigen doel. Een pijnlijke misser. De Slowaken verloren uiteindelijk de wedstrijd met 0-5. Een magere troost voor Dubravka is dat hij niet de enige op het EK was die verantwoordelijk was voor een eigen doelpunt. Elf in totaal, een record.

Ook de (bijna-)flater van Mainz-doelman Robin Zentner in de wedstrijd tegen Borussia Mönchengladbach (2017) willen we u niet onthouden.

Killerinstinct

De spits die een neus voor doelpunten heeft, die zelfs uit de kleinste kans een goal weet te puren. Iemand die dodelijk efficiënt is en een wedstrijd kan beslissen. Bayern München-aanvaller Robert Lewandowski is zo iemand. De Poolse spits scoorde tegen Wolfsburg ooit vijf doelpunten in negen minuten. Jawel, vijf doelpunten in negen minuten. Ongezien. Dat noemen ze pas killerinstinct.

Ook onze eigenste Red Flame Tessa Wullaert is iemand die het doel weet staan. De drievoudige winnares van de Gouden Schoen scoort er bij de Belgen lustig op los, en ook in Anderlecht weet de West-Vlaamse het doel maar al te goed staan. In 31 wedstrijden trof ze maar liefst 50 keer raak voor Paars-wit.

Angstgegner of zwarte beest

We hebben allemaal wel angsten. Ook in het voetbal is dat niet anders. Die ene tegenstander voor wie een ploeg extreem bang is om van te verliezen, omdat ze er telkens punten tegen laten liggen. De term angstgegner wordt in België vaak benoemd als ‘het zwarte beest’. Een tegenstander die een andere ploeg niet ligt.

Zo is het bescheiden Wales een tijdlang het zwarte beest van de Rode Duivels geweest, nadat de Belgen er vier keer op rij niet van konden winnen. De zuurste was ongetwijfeld de nederlaag in 2016 in de kwartfinale van het EK in Frankrijk, waar de Belgen met 3-1 onderuitgingen tegen Gareth Bale en Co. In de WK-kwalificatiewedstrijd van begin dit jaar doorbraken de Duivels die vloek door met diezelfde 3-1-cijfers te zegevieren.

Gruwelijke misser

“Hoe kan hij dat nog missen?!” Elke voetbalfan zal het ooit al eens luidop gedacht hebben bij een gruwelijke misser van zijn ploeg. Een bal voor een leeg doel missen, het kan de beste overkomen. Ex-KV Mechelen-speler Aster Vranckx verkwanselde vorig seizoen in de wedstrijd tegen KV Oostende een niet te missen kans door ongelukkig over de bal te trappen.

Maar ook grootheden als Junior Neymar, Lionel Messi en Cristiano Ronaldo hebben er pap van gegeten.

Op een diefje

De hele wedstrijd onder liggen, maar toch met de volle buit aan de haal gaan. Het gebeurt wel vaker, zowel in het voordeel als nadeel van een club. De keiharde realiteit. Niet enkel in het videospel FIFA, maar ook in het echte voetbal. Zo bewees het Schotse Celtic in 2012 toen het de Champions League-wedstrijd tegen FC Barcelona met 2-1 won. Alle statistieken waren overduidelijk in het voordeel van de Catalanen, behalve de belangrijkste: die van de doelpunten. Op een diefje winnen noemen ze dat dus.

Rookbom

Een mistgordijn op het veld. Een hel voor elke speler, een kick voor de clan – al dan niet verdoken achter (mond)maskers – die er verantwoordelijk voor is. Pyrotaferelen en rookbommetjes die een mystieke sfeer op het veld creëren, maar ook vaak leiden tot chaos en rumoer.

De supporters van de Duitse traditieclub Hamburg zagen in 2018 – ondanks een overwinning – hun degradatielot bezegeld worden in de wedstrijd tegen Borussia Mönchengladbach. Wat volgde was heel wat tumult op en naast het veld. Een zwarte rookwolk bedekte de tribune achter het doel.

Behalve het visuele spektakel, zijn zulke bommetjes of voetzoekers ook schrikwekkend wanneer die dreigt te ontploffen in de buurt van een speler. Op z’n minst gevaarlijke en dom te noemen.

Schrikwekkende tifo’s

Ook tifo’s kunnen angst inboezemen. Enerzijds omwille van de indrukwekkendheid, anderzijds omdat ze kunnen choqueren. De meest beruchte spandoek is die van de achterban van Standard voor aanvang van de clash tegen Anderlecht in 2015. Bij de bezoekers uit Brussel stond een zekere Steven Defour op het veld. De ex-Rouche kon bij zijn terugkeer op Sclessin allerminst rekenen op een warme ontvangst. Een onthoofdingstafereel was de voor velen wansmakelijke boodschap die werd vertoond. Of het toeval ermee gemoeid was, werd Defour die wedstrijd uitgesloten met een rood karton.

AC Milan kwam in 2017 met een échte Halloweentifo in de thuiswedstrijd tegen Juventus. Een pompoen, een kerkhof en heksen. Helemaal in thema. La coppa, il sogno e il grande incubo, is er te lezen. “De beker, de droom en de grote nachtmerrie”. Een nachtmerrie werd het inderdaad, zij het voor de thuisaanhang zelf. Juventus won de partij met 0-2.

De antiheld, schlemiel of boeman

We hadden het eerder al over gruwelijke missers en blunders die een speler een hele wedstrijd met zich kan meedragen. Het maakt van een speler vaak de boeman of antiheld, omdat hij de wedstrijd in het voordeel van de tegenstander beslist. Dat hoeft daarom niet altijd een eigen doelpunt of een verkwanselde kans te zijn. Ook het veroorzaken van een strafschop in de laatste minuut of het pakken van een domme rode kaart kan iemand de schlemiel van de match maken.

Kylian Mbappé werd op het EK van 2021 de antiheld van de partij door zijn beslissende elfmeter in de strafschoppenreeks tegen Zwitserland te missen.

De grootste schlemiel in de voetbalgeschiedenis is wellicht Serge Djiéhoua. In de Griekse tweede klasse mocht de Ivoriaan invallen voor zijn ploeg Glyfada. Een invalbeurt die amper 3 seconden duurde, nadat hij na een (lichte) elleboog meteen een rood karton kreeg toegewezen. De snelste rode kaart ooit, al valt over de ernst van de fout de discussiëren. Djiéhoua wist niet wat hem overkwam en liep met een ironische lach het veld weer af.

Doodleggen

Een hoge bal uit de lucht controleren – meestal met de voet – zodat ie zo goed als stilligt, met andere woorden: de bal doodleggen. Altijd fraai om te zien. Sommige voetballers zijn er specialist in, bij andere loopt het niet altijd van een leien dakje. De gewezen Braziliaanse stervoetballer Ronaldinho behoort tot dat eerste groepje.

Niet enkel een bal, maar ook een wedstrijd kan worden doodgelegd. Er is dan meestal sprake van een tweede of derde doelpunt dat wordt gescoord, waardoor de spanning in de wedstrijd helemaal verdwijnt. De wedstrijd op slot gooien wordt ook wel eens gezegd. Doodsaai. Geef ons dan maar een thriller of nagelbijter, met veel spanning en doelpunten.

Screamer

Afronden doen we met een heerlijke Engelse voetbalterm, een screamer. Het gaat om een harde knal vanop afstand die op schitterende wijze tegen de netten vliegt. Het is zo een fabelachtig doelpunt dat het publiek en de commentator er helemaal wild van worden en hun keel schor schreeuwen.

Vincent Kompany scoorde in 2019 voor Manchester City een fenomenaal doelpunt tegen Leicester City. Een echter screamer die het Etihad stadion deed ontploffen. Met zijn goal hield hij The Citizens op titelkoers, om een speeldag later het kampioenschap binnen te rijven. Een schitterende goal die de wereld rond ging. En zo zijn er nog een paar.