Zaterdag 13 oktober 2018 nemen het Nederlands Elftal en de Duitse ‘Mannschaft’ het tegen elkaar op in het kader van de Nations League. Wedstrijden tussen deze twee ploegen zijn altijd beladen. DFVF zet vijf van de meest memorabele interlands tussen de twee aartsrivalen op een rij.

Revanche in de sneeuw

Op 14 maart 1956, bijna elf jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog, speelt het Nederlands voetbalelftal de eerste naoorlogse voetbalinterland tegen regerend wereldkampioen West-Duitsland. In het Rheinstadion in Düsseldorf zien 14.000 meegereisde landgenoten Oranje een beetje “revanche” nemen voor de oorlog. In een door sneeuwbuien geteisterde wedstrijd wordt het 1-2. Abe Lenstra scoort de twee Nederlandse doelpunten en wordt daarmee de held van de avond.

Trauma voor een hele generatie

Op 7 juli 1974 speelt Nederland in het Olympiastadion in München voor het eerst in de historie een finale van een WK. Uitgerekend thuisland en aartsrivaal West-Duitsland is de tegenstander. Binnen twee minuten leidt Oranje al met 0-1. Johan Cruijff wordt gevloerd en Johan Neeskens verzilvert de door arbiter Jack Taylor toegekende strafschop. De Duitsers hebben op dat moment de bal nog niet één keer aangeraakt. Nederland, bekend van het totaalvoetbal, is veel beter dan het thuisland, maar delft desondanks het onderspit. Het wordt voor rust al 2-1 door goals van Paul Breitner (een onterecht toegekende strafschop) en Gerd Müller. De nederlaag dompelt het hele land in rouw.

“Als we in de finale tegen West-Duitsland moeten spelen, hoeft Michels geen woord te zeggen” – Arie Haan in De Volkskrant in 1974

Payback

Op 21 juni 1988 bevrijdt Oranje een hele generatie van het hiervoor genoemde in 1974 opgelopen trauma. In de halve finale van het Europees Kampioenschap van 1988 treffen Duitsland en Nederland elkaar in Hamburg. Oranje staat, net als in 1974, onder leiding van bondscoach Rinus Michels en beschikt over sterspelers als Ruud Gullit, Frank Rijkaard, Ronald Koeman en Marco van Basten. Twee minuten voor het einde van de zinderende wedstrijd is de stand 1-1 en Oranje valt nog een keer aan. Een pass op maat van Jan Wouters wordt door Marco van Basten in de uiterste hoek geprikt: 1-2. Een explosie van vreugde volgt. Niet alleen in het stadion, maar in heel Nederland. Ronald Koeman zorgt na afloop voor enige opschudding, omdat hij met een Duits shirt zijn achterwerk afveegt.

Een Oranje lama

Twee jaar na de ontmoeting in Hamburg ontmoeten beide landen elkaar opnieuw op een eindtoernooi. Nederland, dat als favoriet voor de eindzege van start gaat, speelt een desastreus toernooi. Met drie gelijke spelen haalt het team van bondscoach Leo Beenhakker met de hakken over de sloot de knock out-fase. Duitsland is de opponent en wint met 2-1 en wordt later ook wereldkampioen. De wedstrijd wordt overschaduwd door constant geruzie tussen Frank Rijkaard en Rudi Völler. Beiden worden na ruim twintig minuten van het veld gestuurd. Eerst haalt Rijkaard Völler vroeg in de wedstrijd onderuit, waarna hij hij geel krijgt. Dat betekent een schorsing en Rijkaard spuugt Völler in zijn haardos. Völler geeft commentaar op de leiding en krijgt ook geel. Even later gaat Völler door op doelman Van Breukelen en krijgt hij zijn tweede gele kaart en dus rood. Rijkaard bespuugt Völler opnieuw en ook hij kan met zijn tweede geel inrukken.

“Je had de voorgeschiedenis met het EK 1988, toen we in eigen huis in de halve finale kort voor het laatste fluitsignaal verloren. Er was de rivaliteit tussen Inter – met Lothar Matthäus, Andreas Brehme en mijzelf – en AC Milan – met Rijkaard, Van Basten en Gullit. Daarbovenop kwam nog de sfeer in San Siro, ons stadion, voor de helft oranje en voor de andere helft in het wit gehuld. En het was een wedstrijd tussen twee gelijkwaardige ploegen, die allebei wisten dat deze wedstrijd eigenlijk te vroeg kwam. Waarom al in de achtste finale? Het had de finale moeten zijn, of op z’n minst een halve finale” – Jürgen Klinsmann tegen Voetbal International

Opdoffer voor de Duitsers

Op 15 juni 2004 staan de aartsrivalen op het EK in Portugal tegenover elkaar in de eerste poulewedstrijd. Torsten Frings zet de Duitsers in de eerste helft op voorsprong. Duitsland is de betere ploeg, maar Nederland buigt niet. In de slotfase deelt Oranje een mokerslag uit. Een voorzet van Andy van der Meyde wordt door Ruud van Nistelrooij bij de eerste paal binnen gewerkt: 1-1. Een klap voor de Duitsers die zij dit EK niet meer te boven komen. Die Mannschaft weet ook de overige twee poulewedstrijden tegen Letland (gelijk) en Tsjechië (nederlaag) niet te winnen en mag na de eerste ronde al het vliegtuig nemen naar de Heimat. Nederland gaat wel door naar de volgende ronde en strandt uiteindelijk in de halve finales (tegen Portugal).

Beide landen speelden tot nu toe veertig keer tegen elkaar. Nederland won exact een kwart van deze duels. Vijftien keer was Duitsland de winnaar en even zoveel keren werd er gelijk gespeeld. De laatste onderlinge wedstrijd dateert alweer van zes jaar geleden. Op 14 november 2012 speelden beide teams -toen ook in Amsterdam- met 0-0 gelijk in een vriendschappelijke interland.

Op 17 november 2015 zouden Nederland en Duitsland in Hannover ook tegen elkaar spelen, maar deze interland ging op het laatste moment niet door vanwege “terreurdreiging”.

Zaterdag staat dus de 41e editie van de kraker op het programma. In de Johan Cruijff Arena staan twee ploegen tegenover elkaar die allebei op zoek zijn naar eerherstel. Duitsland zakte door het ijs op het afgelopen WK in Rusland, Nederland wist het eindtoernooi niet eens te bereiken. Een mooie gelegenheid voor allebei om het geschonden blazoen wat op te poetsen.

Beide ploegen hebben in poule A van de Nations League al een ontmoeting met wereldkampioen Frankrijk achter de rug. Duitsland – Frankrijk werd 0-0 en Nederland verloor in het Stade de France met 2-1.

Advertenties