Voormalig Frans bondscoach Michel Hidalgo is donderdagnamiddag op 87-jarige leeftijd overleden. Hidalgo, die Les Bleus in 1984 met het EK een eerste grote prijs schonk, was al een hele tijd ziek. Volgens zijn familie overleed hij vredig in zijn woonplaats in Marseille.

Hidalgo werd op 22 maart 1933 geboren in Leffrinkhoeke, een kustgemeente op nog geen vijftien kilometer van De Panne, als zoon van een Spaanse vader en een Parijse moeder. Tijdens de Tweede Wereldoorlog vlucht de familie Hidalgo naar het departement Mayenne, maar zijn eerste profcontract ondertekende hij in 1952 bij Le Havre AC in Normandie.

Bij Le Havre viel Hidalgo als rechtsvooral gauw op met zijn snelheid en zijn dribbels. Wanneer de club in 1954 uit de hoogste klasse degradeerde, verhuisde hij naar Stade de Reims. Met ploegmaats als Paul Sinibaldi (de broer van ex-Anderlecht-trainer Pierre) en Raymond Kopa kroonde hij zich in zijn eerste seizoen meteen tot landskampioen. Reims was zo geplaatst voor de allereerste editie van Europacup I, waar het meteen de finale haalde. Hidalgo scoorde in de finale tegen Real Madrid even na het uur met het hoofd waardoor Reims naar een 2-3-voorsprong klom, maar uiteindelijk haalden de Spanjaarden het met 4-3. Na het vertrek van Kopa naar Real Madrid in 1956 kreeg Hidalgo, inmiddels middenvelder geworden, met Just Fontaine opnieuw een latere steraanvaller als ploegmaat.

Langer dan één seizoen speelden Hidalgo en Fontaine echter niet samen, want in 1957 verhuisde Hidalgo naar AS Monaco. Hoewel het eerder zijn passage bij Stade de Reims is die in het collectieve geheugen gegrift staat omwille van zijn doelpunt in de Europacup I-finale, kende Hidalgo in het prinsdom zijn grootste successen als speler: in 1961 en 1963 won hij er zijn tweede en derde landstitel, en in 1960 en 1963 won hij ook de Coupe de France. In zijn Monaco-periode speelde hij ook zijn enige interland voor Frankrijk, een oefeninterland tegen Italië. In 1966 stopt hij met voetballen na meer dan 300 wedstrijden gespeeld te hebben voor Monaco.

Protest tegen Videla

Na enkel ervaring te hebben opgedaan als trainer van Monaco B en het bescheiden Racing Menton werd Hidalgo in november 1975 aangesteld als bondscoach van Frankrijk, dat al sinds het WK 1966 niet meer aan een groot toernooi had deelgenomen. Hidalgo loodste Frankrijk naar het WK 1978 in Argentinië, waar Frankrijk in de groepsfase strandde. Vlak voor de afreis naar Argentinië deden twee onbekenden een poging om Hidalgo te ontvoeren, uit een anoniem telefoontje achteraf bleek dat was uit protest tegen het feit dat de Fransen in het Argentinië van dictator Jorge Videla gingen spelen.

Op het WK 1982 deed Frankrijk het beduidend beter: het sneuvelde pas in de halve finale na strafschoppen tegen West-Duitsland, nadat het tijdens de verlengingen nog 3-1 had voorgestaan. De echte bekroning volgde echter pas in 1984, toen Frankrijk onder impuls van het kwartet Luis Fernández-Jean Tigana-Alain Giresse-Michel Platini in eigen land het EK won. Zijn grootste overwinning boekte Frankrijk dat toernooi tegen België, dat in de groepsfase met 5-0 de pan werd ingehakt na onder andere een hattrick van Platini. Het zou de eerste glorieperiode van Frankrijk worden.

Na de EK-winst – de eerste hoofdprijs van Les Bleus – werd Hidalgo voltijds technisch directeur van de Franse voetbalbond, een baan die hij al sinds 1982 combineerde met de functie van bondscoach. Van 1986 tot 1991 was hij algemeen manager van het Olympique Marseille van Bernard Tapie, wat hem later een celstraf van acht maanden met uitstel kostte vanwege onregelmatigheden in de boekhouding van de club. Als gevolg hiervan trok Hidalgo zich een tijdje terug uit het voetbal, pas in 2014 maakte hij een comeback als technisch directeur van het Algerijnse CS Constantine.