Één jaar later, maar nog steeds dezelfde degradatiezorgen: dat is eind 2021 de balans na opnieuw een wisselvallig voetbaljaar in Haspengouw. De Kanaries zagen niet enkel verlosser Maes vertrekken, maar voor het zoveelste jaar op rij ook hun Truiense maten en makkers in de tribunes.

Anno 2021 zouden de Kanaries een stabiele eersteklasser moeten zijn die meestrijdt voor een plek in play-off 1, dat waren alleszins de ambities van de Japanse bazen bij de overname van de club in november 2017.
Nu ja, vier jaar later is er een onvoorziene pandemie uitgebroken die bij iedereen roet in het eten gooit en zijn de PO1-plaatsen gereduceerd tot vier stuks. Getemperde verwachtingen, al mag het in 2022 toch wat meer zijn dan een plek in het midden van de rechterkolom.

***

Onder het bewind van een échte Limburgse oefenmeester Peter Maes begonnen de geelblauwen begin 2021 terug als collectief geheel te voetballen, nadat ze onder een te inspiratieloze Kevin Muscat te weinig potten braken en verzeild raakten in de kelder van het klassement. Het Maes-effect loodste STVV naar veiligere oorden, mede dankzij enkele lucratieve wintertransfers. Met draaischijf Christian Brüls en ervaren goaltjesdief Ilombe Mboyo kregen ze er op Stayen twee Belgen bij die het reilen en zeilen in de Jupiler Pro League kenden.
Den Truineer vond dankzij die Belgische en Lommelse uitgetekende lijnen de verbondenheid met zijn club enigszins terug. Ook de Japanse inbreng gaf de Zuid-Limburgse burger met een vlot scorende Yuma Suzuki – wiens motor eindelijk op volle toeren draaide – goede moed. Een zorgeloos seizoenseinde met een mogelijks gunstig toekomstperspectief was het resultaat.
Die zorgeloosheid verdween als sneeuw voor de zon bij de start van de nieuwe voetbalcompetitie, toen Maes een avontuur bij Beerschot verkoos boven dat van Sint-Truiden. De broodzakken van de Truiense banketbakkers om zijn Limburgse vlaai in mee te pakken waren misschien niet stevig genoeg.
Dat topschutter Suzuki in de zomer (nog) geen gewenste droomclub vond, leek een geluk bij een ongeluk te gaan worden, maar de Japanse sluipschutter raakte zijn vizier na een voor hem turbulente mercato kwijt. Zijn strijdlust die hij onder Maes eindelijk verworven had, verdween gelukkig niet helemaal.
Die andere spits Mboyo slaagde er wel in om te vertrekken, en landde opnieuw bij zijn oude werkgever in Gent. Een – sportief gezien – nog steeds vreemde overstap van de tweevoudige Rode Duivel die een basisplaats in Sint-Truiden inwisselde voor een plek op de bank bij de Buffalo’s. Met Roman Bezus, Jordan Botaka en Alexandre De Bruyn loopt hij er nog een aantal ex-Kanaries tegen het lijf die hetzelfde lot ondergaan.

***

Bernd Hollerbach werd ondertussen de nieuwe kapitein van het Truiense schip. Vechtlust en mentaliteit waren de oerkreten waar de Duitse trainer mee wilde uitpakken. Dat ie er zelf kaas van had gegeten, bleek al snel uit zijn verzameling kaarten die hij in de eerste seizoenshelft bij elkaar sprokkelde (5 gele en 1 rode). Aanvankelijk leverde zijn spelvisie de nodige punten en strijd op, en met momenten ook mooi voetbal. Met Daichi Hayashi en Taichi Hara kreeg de parel van Haspengouw er ook opnieuw een ladinkje Japanners bij. Dat de spelers uit het land van de rijzende zon de netten in Limburg weten te vinden, bewees het spitsenduo door als negende en tiende Japanner in Truiense loondienst te scoren. Daar stopt het verhaal van de nieuwkomers dit seizoen dan ook, want net als de lading Duitsers met Rocco Reitz, Robert Bauer en Toni Leistner kunnen ze vooralsnog hun stempel niet drukken.

***

Een dartelende Brüls – die in de zomer (nog) niet verleid werd door transferperikelen, een sterke Mory Konaté en een bij momenten flukse Aboubakary Koita zijn de belangrijkste ijzers in het vuur van Hollerbach. In de eerste plaats buitenshuis – iets waar de Kanaries in het verleden lange tijd niet in slaagden – pakte STVV de nodige zeges en punten. Op eigen kunstbodem zijn de cijfers ruim halverwege het seizoen niet om over naar huis te schrijven. 11 op 33  – al werd hun goede spelvertoon tegen onder meer Genk, Oostende en Anderlecht te karig beloond.
De Truiense motor begon eind oktober te sputteren, een maand later stokte hij ei zo na helemaal. Te wisselvallig, een gebrek aan zuiverheid en te weinig schwung op het veld, dat laatste nochtans een echte Duitse term. De twijfelende STVV-fan zag zijn club kelderen en werd wederom niet over de streep getrokken, wat ervoor zorgt dat de akelig lege tribunes van de Truiense Voetbalvereniging niet snel opnieuw gevuld zullen raken. Integendeel. Zelfs voor de bijna altijd uitverkochte derby tegen RC Genk zat Stayen niet vol. Andermaal een pijnlijke vaststelling voor een ploeg die jarenlang gekend stond als een echte volksclub.
Voetballend vermogen en een goalgetter met killerinstinct – liefst met een Belgisch randje – staan op het kerstlijstje van de uitgedunde trouwe STVV-supporter die zich tot midden december nog elke thuiswedstrijd richting Stayen begaf om – ondanks de matige opkomst – het beste van zichzelf te geven. Kerst- en nieuwsjaarswensen die ze vorig jaar in Sint-Truiden al een keertje in vervulling zagen gaan met de komst van Brüls en Mboyo.
Meer van dat soort spelers. Meer creativiteit. Meer punten. Meer goede voornemens. En vooral meer beleving. Maes kunnen ze op Stayen nog wel missen, maar elke wedstrijd en elk seizoen meer Truiense maten en makkers zien afhaken, dat is misschien wel het grootste pijnpunt.

***

Ter nagedachtenis van Jef Cleeren die de Trudostad bij kerstnacht ontviel, een bijkomende boodschap richting het Truiense bestuur: maak Jef (terug) trots op zijn ploeg. Herdenk en vereeuwig de man die Sint-Truiden ademde, zijnde burgervader van de stad en erevoorzitter van de club. Het ga je goed, Jef.