Van de teams die straks mogen promoveren naar de Jupiler Pro League, kamperen Lierse Kempenzonen, Beerschot, Lommel SK, SK Beveren en RWDM op een zakdoek van drie punten. Zelfs Royal Excelsior Virton mag met een achterstand van amper vijf eenheden op leider Lierse nog ambitieus vooruitkijken, enkel het trainerloze KMSK Deinze en promovendus FC Dender houden zich op dit moment fulltime bezig met plaatsbehoud in de Challenger Pro League. Een razend spannende competitie dus, ondanks de toegevoegde beloftenteams. Ondanks, of dankzij?

1Lierse Kempenzonen 12 (16-13)7RWDM 9 (8-7)
2RSCA Futures 10 (10-7)8Royal Excelsior Virton 7 (7-7)
3Beerschot 10 (9-9)9Club NXT 6 (9-11)
4Lommel SK 9 (9-6)10Jong Genk 5 (9-11)
5SK Beveren 9 (10-8)11KMSK Deinze 5 (6-11)
6SL16 FC 9 (9-8)12FC Dender 4 (6-10)

Wie durft nu al te voorspellen welke tweedeklasser volgend jaar op het hoogste niveau mag aantreden? Lierse heeft met topschutter Leonardo Rocha een absolute doelpuntenmachine in de rangen en beschikt verder over een flink aantal andere ervaren pionnen. De nul houden blijkt vooralsnog een lastig karwei voor de mannen van ’t Lisp, maar zolang ze dat kunnen blijven opvangen door zelf offensief te excelleren, behoort Lierse tot de promotiekandidaten. Hoewel geel-zwart op basis van het verleden zeker geen vreemde eend in de Pro League-bijt zou zijn, zou zo’n snelle terugkeer – de recente geschiedenis van de club indachtig – toch een bewonderenswaardige gebeurtenis betekenen. Dat de pijnlijke supporterssplitsing desondanks niet uitgewist zou worden, is een ander (triest) verhaal.

Degradant Beerschot heeft geen perfecte start gekend, maar puntengewijs sluiten de Ratten goed aan en qua algemeen potentieel van de club zijn ze het simpelweg aan hun stand verplicht om mee te doen om de knikkers. De complete leegloop werd vermeden, naast jongens als Jan Van den Bergh, Ryan Sanusi en Ramiro Vaca bleef zelfs eigen toptalent Ilias Sebaoui ondanks veel interesse uit de JPL aan boord, en dankzij enkele gerichte aankopen kan men ook spreken van een geslaagde zomerse kwaliteitsinjectie.

Kwaliteit én ervaring vinden we ook terug in Beveren, waar de nieuwe oude naam ongetwijfeld ook hernieuwde hoop met zich meegebracht heeft. De zware knieblessure van sterkhouder Daniel Maderner is een aderlating, maar met Dieumerci Mbokani staat er meteen een vervanger klaar. De Congolees viert in november dan wel zijn 37e verjaardag, toch lijkt een impactloze passage op basis van zijn eerdere verdiensten in ons land een onwaarschijnlijk scenario. Met Wim De Decker beschikt SK Beveren bovendien over een oefenmeester met promotie-ervaring.

Of wordt het Lommel SK dat de titel pakt? Het predicaat ‘consistent’ kunnen we de Limburgers tot op heden niet toebedelen en het publiek in het Soevereinstadion toonde zich al bijzonder kritisch, maar groeimarge heeft de selectie zeker en vast. Wanneer een samenraapsel van kwalitatief sterke individuen op termijn kan uitgroeien tot een kwalitatief sterk geheel, is the sky the limit. Of toch gewoon RWDM, dat enkele maanden geleden net niet promoveerde als vicekampioen na barrages tegen Seraing, maar zich voorlopig nog ophoudt in het rechterrijtje? Al is dat zeer relatief, want met zo’n beperkte achterstand en in de wetenschap dat enkele nieuwkomers pas laat aansloten, is de Molenbeekse titeldroom nog zeer aanwezig.

De beloften als scherprechters én voorbeeld

Ook rechterrijtje is een relatief begrip. De vier beloftenploegen hebben immers niet alleen een (vanzelfsprekend) promotieverbod, ze mogen na de reguliere competitie helemaal niet deelnemen aan de promotiegroep in de play-offs. Dat wil zeggen dat slechts twee niet-beloftenteams zullen verwezen worden naar de degradatiestrijd.

Toch is de (positieve) impact van de beloften groot, ondanks de negatieve geluiden vanuit de andere clubs. Dat de toeschouwersaantallen voorlopig tegenvallen, moeten we nuanceren. Ten eerste is het voor de vier topclubs nog wat zoeken naar een juiste abonnementenformule. Ten tweede is er ook een belangrijke taak weggelegd voor de kalendercommissie, want de dubbele boekingen vieren voorlopig hoogtij, en voor de lokale besturen, want combiregelingen zijn niet bijster geschikt als supporterslokaas. Ten derde: ook sommige – om niet ‘veel’ te zeggen – andere clubs voetballen voor een klein publiek, en niet louter bij wedstrijden waarin een U23-team op bezoek komt. De beperkte interesse is een algemeen probleem.

Met een positieve bril kunnen we opwerpen dat de beloftenploegen die suportersaantallen net kunnen verhógen. Een sportieve impact hebben ze nu al: niemand wint zomaar van die jeugdige talenten. Integendeel, het zijn net de beloften die vaak het mooiste voetbal op de mat brengen. Ze dwingen de andere clubs naar een hoger niveau. En allicht ook naar een visiewijziging. De Beverens en de Beerschots merken de prestaties van de beloften in hun reeks ook op en zijn vandaag ongetwijfeld al aan het brainstormen over – de opwaardering of herwaardering van – hun eigen jeugdwerking. Jonge talenten als fundament van de ploeg, dat idee zou veel clubs allicht vooruithelpen, ook in een geglobaliseerde voetbalwereld. Met als waarschijnlijk gevolg niet alleen betere sportieve resultaten en een betere competitie, maar ook een verhoogde aantrekkingskracht naar de supporters toe.