Als een ware olifant ging de licentiecommissie onlangs door de porseleinkast van 1B. De helft van de clubs kan fluiten naar een licentie voor volgend seizoen. Ook voor Lommel SK was het verdict onverbiddelijk. Tenzij het BAS begin mei anders beschikt, kunnen de Limburgers zelfs van Tweede Klasse ineens naar Eerste Provinciale tuimelen.

Het intrekken van de licentie was een ferme domper op een seizoen dat een paar weken eerder vol vreugde was geëindigd. Peter Maes had met zijn ploeg de degradatie ternauwernood kunnen ontlopen en met de kwalificatie voor Play Off 2 keek iedereen aan De Gestelsedijk al reikhalzend uit naar de lonkende derby tegen Racing Genk.

Maar toen werd de wereld overvallen door de corona-crisis en werd alles anders. Althans dat is de officiële lezing van de club. De amper een jaar geleden met het nodige klaroengeschal binnengehaalde verlosser Udi Shochatovitch zegt vanwege de corona-crisis niet meer te kunnen investeren in Lommel en heeft de club zelfs te koop gezet. Omdat het geld er tijdens het bewind van de Israëli dubbel zo rap uitvloog als dat het binnenkwam, gaapt er een gat van ruim acht ton in de begroting en de vraag is wie dat geld gaat ophoesten. Niet Shochatovitch, zoveel staat wel vast. Hij lijkt het hazenpad te kiezen nu de licentiecommissie bewezen acht dat hij – en dat is volgens de reglementen uiteraard verboden – naast clubeigenaar ook spelersmakelaar is.

En zo lijkt Lommel alweer de zoveelste club die er is ingetuind. De vraagt rijst hoe het mogelijk is dat in een miljoenenbusiness als het betaalde voetbal zo verschrikkelijk vaak op een kinderlijk naïeve manier clubs worden verkwanseld aan de eerste de beste voorbijganger met gladde praatjes. Doorgewinterde zakenlieden maken onder de druk van emotie kennelijk al snel kapitale blunders. Gewoon boerenverstand zegt dat als iets te mooi klinkt om waar te zijn, het dat meestal ook is.

Maar kennelijk vroeg bij Lommel zich omstreeks een jaar geleden niemand af wat een Israëlisch-Londense advocaat rationeel gezien met een club uit de Belgische tweede klasse aan zou moeten? Evenmin deed het CV van de Israëli bij iemand de wenkbrauwen fronsen. Want naast advocaat is Shochatovitch hoofd van een Gambiaanse voetbalacademie, was hij in het verleden bedrijfsleider van een Roemeens busbedrijf en was hij bestuurslid van voetbalclub Maccabi Haifa. Maar bovenal was hij de juridisch adviseur van spelersmakelaar Pini Zahavi, de man die de lakens uitdeelde bij Moeskroen, notabene een club die elk jaar naar het BAS moet trekken voor het behoud van zijn licentie. Het deed allemaal geen belletje rinkelen, al had men met de bijna-ondergang van provinciegenoot Patro Eisden toch een recent voorbeeld voorhanden van hoe een in nevelen gehulde eigenaar een club te gronde kan richten.

Net als Patro destijds, fungeerde Lommel ook al als soort van handelshuis voor spelers, ontdekten journalisten van De Standaard. Zo zou er worden gehandeld in Gambiaanse talenten van de Superstars Academy, waar Abdoulie Sanyang een voorbeeld van is en schijnen er twee Zwitserse spelers op de loonlijst te staan, die nog nooit een minuut voor Lommel hebben gespeeld. Levan Jordania zou enkel en alleen deel uit maken van de kern van de reserven als “vriendendienst” aan diens oudere broer Kakhi, de vorig jaar bij FC Den Bosch vanwege verdenking van Third Party Ownership weggestuurde Georgische investeerder. Zij zijn allebei zoons van oud-Vitesse-baas Merab, die op zijn beurt weer een boezemvriend is van Chelsea’s Roman Abramovich.

Algemeen directeur Harm van Veldhoven moet haast wel last hebben van een déjà vu. Nog maar amper bekomen van zijn avontuur in Kerkrade, waar hij werd opgezadeld met een Mexicaanse charlatan die, hoewel hij een paar maanden daarvoor met pek en veren het Spaanse Murcia werd uitgejaagd, vrolijk werd voorgesteld als de nieuwe redder van Roda JC, valt hij nu opnieuw met zijn neus in de miserie. Van Veldhoven zal er mee opgezet zijn.

In het dialect van mijn streek betekent “unne lòmmel” ongeveer zoiets als een kuisdoek. Laat dat nu het attribuut zijn waar Van Veldhoven deze dagen in het Kempense stadje nood aan heeft. Want er moet behoorlijk wat puin en rommel worden geruimd in het Soevereinstadion. Met een lege portemonnee moeten de achterstallige betalingen worden weggewerkt, er moet gezocht worden naar een geschikte overnamekandidaat en bovenal moet voor begin mei een dossier klaarliggen dat het BAS kan overtuigen dat de club bestaansrecht heeft. Slaagt de club daar niet in, dan is een scenario als in 2003, toen Lommel noodgedwongen fusioneerde met Overpelt-Fabriek, niet ondenkbaar en dreigt opnieuw een faillissement.