Een opvallend gevleugeld schepsel klieft tijdens het Jupiler Pro League-seizoen 2021/22 door het Belgische luchtruim. Elke speeldag kiest het zo fris als een hoentje één wedstrijd uit, waarbij de hoofdvogel steevast wordt afgeschoten. Maak kennis met avis tactici, de tactiekvogel. Telkens zal dit gevederd voetbaltechnisch meesterbrein een opvallende tactische zet, een innovatief spelsysteem of een geniale wedstrijdkantelende ingreep vanuit de nok van het stadion met een adelaarsblik bestuderen en via dit platform aan u kenbaar maken. Eén ding is zeker: van de Kehrweg tot de Diaz Arena is elke stuntelige oefenmeester een vogel voor de kat.

Dankzij de eindelijk aanwezige aangename temperaturen was de verplaatsing van de West- naar de Oost-Vlaamse hoofdstad een eitje. Verdedigen in een 4-2-2-2 is dat niet, en laat dat nu net het systeem zijn dat een bijna heilige status heeft gekregen in de voetbalgeest van KV Mechelen-coach Wouter Vrancken. Indien hij voorspeld had dat Malinwa de dominante ploeg zou zijn in de Ghelamco Arena, was de keuze om opnieuw die formatie te hanteren bewonderenswaardig doch onrealistisch. Indien niet, was het simpelweg een tactische uitschuiver.

Wat zijn nu de wezenskenmerken van zo’n 4-2-2-2-systeem? Het is alleszins veel dynamischer dan een ‘platte’ 4-4-2, waar de rollen veel duidelijker zijn. De jongens in de voorlaatste linie, de tweede 2 als het ware, schipperen tussen de flank en de zogenaamde half-spaces tot zelfs het aanvallende gedeelte van het centrale middenveld. Vooral defensief brengt dat een lastig karwei met zich mee voor in dit geval Nikola Storm en Geoffry Hairemans, zeker tegen een aanvallende ploeg met een driemansverdediging. En van een KAA Gent dat in eigen huis speelt, kwalitatief over een beter elftal beschikt, amper één punt achter de naam heeft en Hein Vanhaezebrouck aan het roer, weet je gewoon dat het dominant gaat proberen voetballen.

Laat ons de 3-5-2 van Gent en de opstelling van KVM eens tegenover elkaar zetten. Tarik Tissoudali en Yonas Malede brengen Jordi Vanlerberghe en Sheldon Bateau bij momenten in een één-tegen-één-situatie. Door hun beweeglijkheid moet ook Vinicius Souza als 6 soms bijspringen, waardoor Rob Schoofs de moeilijke keuze moet maken tussen de infiltrerende Vadis Odjidja en spelverdelers Sven Kums en Julien de Sart, die in de loop van de eerste helft steeds meer voelden dat ze hogere posities op het veld konden innemen. Die verdedigende rol van Schoofs verschuift steeds, omwille van het feit dat hij door telkens andere spelers bijgestaan wordt. Afhankelijk van de posities van de Gentse wingbacks moeten Storm en Hairemans beslissen of ze hun eigen backs bijstaan of zich net naar de centrale as van de grasmat begeven. Gustav Engvall en Ferdy Druijff willen op hun beurt drukzetten op de spelverdelers van de thuisploeg, maar moeten ook de drie centrale verdedigers in de gaten houden, zeker wanneer die ook nog eens gaan inschuiven. Dat doet Andreas Hanche-Olsen van nature namelijk zeer graag en Bruno Godeau koos gisteren ook zijn momenten uit in die context.

De eerste helft had twee gezichten. KV Mechelen begon met veel goede moed – of overmoed, zo u wil – aan de wedstrijd, maar was niet goed genoeg aan de bal om collectief te kunnen opschuiven en tot mogelijkheden of kansen te komen. De vier aanvallend ingestelde spelers stonden daardoor vaak te hoog, wat enorme ruimtes tussen de linies teweegbracht. Wie kon daarvan profiteren? Vadis, een speler die je best niet al te veel ruimte geeft, was zo vrij als een vogeltje in de lucht en kon naar hartenlust infiltreren. Mechelen reageerde daar na een tijdje wel op door voor een laag blok te kiezen, maar net dan scoorde Ngadeu en sloeg de twijfel zo hard toe dat er in de eerste helft van een uitploeg weinig sprake was. In minuut 54 gooide Vrancken het roer om met drie wissels en een nieuw systeem (zie onderstaande vogelapp-publicatie): een stevige 4-3-3 – 4-5-1 in balverlies – met Hugo Cuypers alleen voorin, Storm en invaller Maryan Shved op de flanken en Samuel Oum Gouet als versteviger van het middenveld naast Souza. Dat leverde geen volledige kanteling van de wedstrijd op, geen plotse verschroeiende aanvallende druk, maar het werd er wel gemakkelijker op om de dominante thuisploeg op te vangen en voor het eerst in de partij ging het spelbeeld ietwat richting een situatie van evenwicht.

Het is een typische fout: je hebt veel flankaanvallers en spitsen, dus je wil er zo veel mogelijk tussen de lijnen brengen. Een 4-2-2-2 is tegenwoordig in, dus daar ga je dan voor. Die ogenschijnlijk offensieve keuze gaat echter vaak ten koste van het evenwicht en het defensieve compartiment. Voor dit Mechelen kan dat systeem in sommige wedstrijden absoluut werken, bijvoorbeeld in eigen huis of op verplaatsing tegen mindere teams, maar het lijkt erop dat ook de 4-3-3 die Vrancken in het begin van de tweede helft lanceerde een terugkerend recept dient te worden. Tactische flexibiliteit, weet u wel.


Eerder verschenen: