Een opvallend gevleugeld schepsel klieft tijdens het Jupiler Pro League-seizoen 2021/22 door het Belgische luchtruim. Elke speeldag kiest het zo fris als een hoentje één wedstrijd uit, waarbij de hoofdvogel steevast wordt afgeschoten. Maak kennis met avis tactici, de tactiekvogel. Telkens zal dit gevederd voetbaltechnisch meesterbrein een opvallende tactische zet, een innovatief spelsysteem of een geniale wedstrijdkantelende ingreep vanuit de nok van het stadion met een adelaarsblik bestuderen en via dit platform aan u kenbaar maken. Eén ding is zeker: van de Kehrweg tot de Diaz Arena is elke stuntelige oefenmeester een vogel voor de kat.

Het (grotendeels) vernieuwde Bosuilstadion vormde afgelopen weekend het decor van een veelbelovende clash tussen oefenmeesters Brian Priske en Hein Vanhaezebrouck, een ideale tactische ontmoeting voor mijn tiende wedstrijdbeschouwing van het voetbalseizoen 2021-2022. Ik was de enige levende ziel op de legendarische Tribune 2 – en die ‘op’ mag letterlijk begrepen worden, vanop het dak aanschouwde ik de pionnen op de grasmat en de gelaatsuitdrukkingen van de toeschouwers in de andere tribunes.

Woede, frustratie, gelatenheid, teleurstelling en heel veel opluchting met desondanks een ietwat onvoldaan randje: zo zag de opeenvolging van emoties die de gezichten van de thuisfans gedurende de partij prijsgaven er ongeveer uit. Dankzij een letterlijk uit de lucht vallende treffer verzekerde Antwerp zich van de drie punten en een knappe plaats in de kruin van het klassement, maar het had ook anders kunnen lopen, zo beseften de Gentsupporters naderhand op de vogelapp. De rode kaart van Giorgi Chakvetadze – een licht exemplaar dat het inzoom- en slowmotion-tijdperk binnen de voetbalsport goed typeert en zowel best begrijpelijk als contra-intuïtief genoemd kan worden – hakte de wedstrijd in twee helften die elk op hun manier tot Antwerpse ontevredenheid hebben geleid.

In de eerste speelperiode kwam the Great Old moeilijk tot voetballen. De belangrijke offensieve spelers werden niet echt bereikt, terwijl in verdedigend opzicht enkele problemen de kop op kwamen steken. Antwerp deed het in balverlies met een driemansmiddenveld op een lijn (Radja Nainggolan links van Birger Verstraete, Pieter Gerkens rechts), waarmee het eigenlijk in de kaart speelde van de bezoekende 3-4-2-1-formatie. Spelverdelers Sven Kums en Julien De Sart, allebei erg goed in hun vak – het Gentse spel wisselde via hun tussenkomsten meermaals keurig van zijde -, genoten te veel vrijheid om hun ding te doen en dat gold óók voor halfspace-bezetters Chakvetadze (iets meer als tweede spits) en Vadis Odjidja (iets meer als derde centrale middenvelder). Gent was het eerste half uur baas.

Na de rode kaart slaagde Antwerp er niet volledig in om het spelbeeld volledig om te draaien. Men won in aan balbezit, doch bleven echte kansen uit. Gent was ondertussen naar een 5-2-1-1 geëvolueerd en kwam nog enkele keren gevaarlijk opzetten. Bij de pauze grepen beide trainers in. Vanhaezebrouck bracht met de kwiekere Tarik Tissoudali een vervanger voor Vadis tussen middenvelders en Depoitre, Priske maakte er een 4-2-2-2/4-4-2 van met Aly Samatta in de plaats van Gerkens en verving bovendien Jelle Bataille voor Aurelio Buta. Die laatste wissel wijst op de wil om met zeer hoge backs te gaan spelen om zodoende de twee goalgetters voorin van genoeg bevoorrading te voorzien. In de praktijk, mogelijk omwille van de drie in het Antwerpse kamp waakzaamheid scheppende pogingen van Tissoudali in de beginfase van de speelhelft, schoven de backs echter onvoldoende mee naar voren. Omdat Verstraete zijn vernieuwde takenpakket wel goed uitvoerde en het spel kwam verdelen tussen zijn twee centrale verdedigers, en omdat Nainggolan hoog aansloot bij het spitsenduo, ontstond er vaak een groot gat op het middenveld.

Die ruimte, de kwetsbare zone van een tienkoppig KAA Gent, werd dus onvoldoende gebruikt. Fischer kwam regelmatig naar binnen, maar uiteindelijk hadden de verdedigers in het blauw niet zo veel moeite met het intact houden van de afweergordel. Michael Frey en spitsbroeder Samatta namen het op tegen drie centrale verdedigers, de betere rekenaar begrijpt hier dat we niet van een overtalsituatie kunnen spreken. Kortom: Antwerp verzilverde het mannetje meer slechts sporadisch en voetbalde dus geen resem open doelkansen bij elkaar. Dat late invaller Darko Lemajic in de slotfase – na de 1-0 – nog voor een paar duizend hartverzakkingen doch niet voor het deksel op de neus zorgde, was veelzeggend voor de partij en zette het gevoel van grote opluchting op een bedje van teleurstelling bij de thuisfans nog wat meer kracht bij.


Eerder verschenen: